Het witr-gebedHet witr-gebed is soennah moe’akkadah (zie Hoofdstuk 2). De Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) heeft het sterk aangeraden. Hij sloeg dit gebed nooit over, zelfs niet op reis of rijdend op een kameel.Er ligt zoveel nadruk op het verrichten van het witr-gebed, dat sommige moslimgeleerden daaruit opmaken dat het 'waadjib' (verplicht) is. Echter, na nauwkeurige hadietsstudie wordt duidelijk, dat het niet waadjib is, maar sterk aangeraden.Vaak denken moslims dat het witr-gebed onderdeel is van het 'Isjaa'- gebed. Dit is niet zo. Het witr-gebed is een op zichzelf staand gebed en kan gebeden worden vanaf na het 'Isjaa'-gebed helemaal tot het aanbreken van de tijd voor het Fadjr-gebed. Voor het gemak van de moslims heeft de Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) toegestaan dat het witr-gebed direkt na het 'Isjaa'-gebed gebeden kan worden. 'Witr' betekent in het Arabisch 'oneven'.In een hadiets zei de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn): "Allah is Oneven en Hij houdt van het aantal oneven." (Moeslim) Allah houdt ook van oneven nummers, als ze door twee gedeeld worden, blijft er altijd één over. Daarom gaf de Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) de voorkeur aan oneven getallen. Hij hield ervan om in zijn dagelijks leven dingen in oneven aantallen te doen, zoals: het verrichten van gebeden, het zeggen van doe’a's, het eten van dadels etc. Daarom vroeg de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) aan zijn metgezellen om witr te bidden aan het eind van het nachtgebed, zodat het aantal raka’aat van het nachtgebed oneven wordt.‘Abdoellah ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei: "Het nachtgebed bid je in groepjes van twee raka’aat. Als iemand van jullie voelt dat de dageraad nabij is, bidt hij nog één raka’ah om heel het nachtgebed oneven maken." (Boekharie, Moeslim)
Het aantal raka’aat van het witr-gebed‘Abdoellah ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei: "Het witr-gebed is één raka’ah aan het einde van het nafl-gebed van de nacht." (Moeslim)Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei: "Elke moslim hoort het witr-gebed te bidden. Wie vijf raka’aat witr wil bidden, laat hij het doen, wie drie raka’aat witr wil bidden, laat hij het doen en wie één raka’ah witr wil bidden, laat hij het doen." (Aboe Dawoed, An-Nasaa’i, Ibn Maadjah)Uit de bovengenoemde ahadiets begrijpen we dat het witr-gebed eigenlijk uit één raka’ah bestaat en dat iemand ook 1,3,5,7 of 9 raka’ah witr kan bidden. Al deze aantallen zijn goedgekeurd door de Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) in de authentieke ahadiets.
De tijd voor het witr-gebedHet witr-gebed kan gebeden worden direkt na het 'Isjaa'-gebed tot net voor de Fadjr (dageraad).‘Aaisjah (moge Allah tevreden met haar zijn) vertelde: "Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) bad witr op alle tijden van de nacht. Soms bad hij witr in het eerste deel van de nacht, soms in het middelste deel van de nacht en soms in het laatste deel van de nacht; maar hij maakte zijn nachtgebed altijd af voordat de dageraad kwam." (Boekharie, Moeslim)Dus iemand die denkt dat hij niet op kan staan om aan het eind van de nacht witr te bidden, kan het meteen na het 'Isjaa'-gebed bidden of voordat hij gaat slapen. Maar iemand die denkt dat hij 's nachts kan opstaan om nafl-gebeden (vrijwillige) te verrichten, hoort witr aan het einde van zijn nachtgebed te bidden.Djaabir (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei: "Iedereen die niet aan het eind van de nacht kan opstaan, moet witr bidden in het eerste deel van de nacht. En iedereen die denkt dat hij aan het eind van de nacht kan opstaan, moet het witr-gebed dan bidden, omdat de engelen klaar staan om te getuigen van de gebeden, die aan het einde van de nacht verricht worden." (Moeslim, Ahmad, At-Tirmidzi, Ibn Maadjah)
Hoe bid je witr-gebed?Als je één raka’ah witr bidt, dan verricht je het net zoals het gewone gebed. Als je 3,5,7, of 9 raka’aat bidt, dan zijn er meerdere manieren waarop je deze verrichten kan. Bijvoorbeeld:a) Iemand die drie raka’aat witr bidt, kan eerst twee raka’aat op de gewone wijze bidden. Na de tasliem, 'as-salaamoe ‘alaikoem wa Rahmatoe-Llaah' eerst naar rechts dan naar links, staat hij meteen op om de derde raka’ah te bidden. Deze manier van witr bidden wordt 'witr bil-fashl' genoemd.b) Iemand die drie of vijf raka’aat witr bidt, hoeft niet te gaan zitten voor tasjahhoed tussen de raka’aat. Alleen in de laatste raka’ah zit hij en zegt hij tasjahhoed.c) Iemand die drie, vijf of zeven raka’aat witr bidt, zit alleen voor de tasjahhoed in de één-na-laatste raka’ah, namelijk in de tweede raka’ah als hij drie raka’at witr bidt, in de vierde raka’ah als hij vijf raka’at witr bidt en in de zesde raka’ah als hij zeven raka’at witr bidt etc. Hij hoort dan tasjahhoed te zeggen en op te staan voor de laatste raka’ah en het gebed af te maken.Alle drie de manieren zijn naar het voorbeeld van de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) en worden gepraktiseerd door de grote geleerden. Moslims kunnen dus één van deze drie methoden kiezen voor het witr-gebed. Als je drie raka’aat witr bidt, dan is het beter om methode a) of b) te kiezen; Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei: "Maak je witr-gebed niet gelijk aan je Maghrib-gebed."
De doe’a qoenoet in het witr-gebedHet is soennah om de doe’a qoenoet in de laatste raka’ah van het witr-gebed te zeggen. Je zegt het dan ofwel voor de roekoe’ ofwel na de roekoe’.Hoemaid (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat hij Anas (moge Allah tevreden met hem zijn) over de doe’a qoenoet vroeg, namelijk of deze voor of na de roekoe’ gebeden hoort te worden. Anas (moge Allah tevreden emt hem zijn) antwoordde: "We waren gewend om hem voor en na de roekoe’ te zeggen." (Ibn Maadjah, Qijaamoel-lail of Mohammed ibn Nasaar al Marwaazie, Fathoel Baari)
Alhoewel de doe’a qoenoet voor de roekoe’ gezegd kan worden, is het meer volgens het voorbeeld van de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) en beter om hem na de roekoe’ te zeggen.
a) Iemand die de doe’a qoenoet wil zeggen voor de roekoe’, kan hem beter zeggen nadat hij klaar is met het reciteren van Soeratoel-Faatihah en een hoofdstuk uit de Qoer-aan. Als je doe’a qoenoet opleest, mag je dat met opgeheven handen doen of je kunt ze gevouwen op je borst houden.
Enkele wetgeleerden staan erop dat het verplicht is om de doe’a qoenoet in de laatste raka’ah van het Fadjr-gebed te doen, maar als je de hadietsstudie bestudeert, dan vind je dat het noch in het witr-gebed noch in het Fadjr-gebed verplicht is. Dus als je in het witr geen doe’a qoenoet bidt, is je gebed wel gewoon volledig. En als je deze doe’a niet kent, hoef je ervoor in de plaats geen Qoer-aan of enige andere woorden te zeggen.
b) Iemand die de qoenoet na de roekoe’ wil zeggen, mag het met opgeheven handen doen voor zich of hij kan zijn handen langs zijn zij laten hangen.Het is aangeraden en soennah om de doe’a qoenoet na de roekoe’ te zeggen en om je handen opgeheven te houden.
De doe’a qoenoet kan in elk gebed gezegd worden; het wordt ook soennah in het Fadjr-gebed gezegd. Qoenoet betekent dat men zich in overgave aan Allah stelt; er zijn verschillende soorten doe’a qoenoet. Hier volgt de tekst van de bekende doe’a die je in de dagelijkse gebeden leest.
De tekst van de doe’a qoenoetHasan ibn ‘Ali (moge Alah tevreden met hen zijn) vertelde: "De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) onderwees mij de woorden die ik in de doe’a van het witr-gebed moet zeggen en ze luiden zo:'Allaahoemma-dinie fieman hadait, wa ‘aafinie fieman ‘aafait, wa tawallanie fieman tawallait, wa baarik lie fiemaa a’thait, wa qinie sjarra maa qadhait, fa innaka taqdhie wa laa joeqdhaa ‘alaik, Innahoe laa jadzilloe man-waalait, wa laa ja’izzoe man ‘aadait, tabaarakta rabbanaa wa ta’aalait, nastaghfiroeka wa natoeboe ilaik, wa shal-Lallaahoe ‘alan nabijj.
Oh Allah, laat mij behoren tot degenen die U hebt geleid, En laat mij behoren tot degenen die U hebt gered, En laat mij behoren tot degenen die U hebt uitgekozen, En zegen alles wat U mij hebt gegeven, En bescherm mij tegen het kwaad dat U hebt geschapen, waarlijk U besluit alles en niemand kan tegen U een ander besluit nemen, waarlijk degene die U liefheeft kan niet onteerd worden en degene die U vernedert kan niet geëerd worden, U bent gezegend, oh Heer en hoog verheven, onze Heer, wij vragen U om Uw vergeving en keren ons tot U (in berouw) en moge Allah zegeningen en genade geven aan de Profeet. (Aboe Dawoed, An-Nasaa’i, Ibn Maadjah, At-Tirmidzi)
Nu volgt een andere doe’a die door sommige geleerden aanbevolen is voor het witr-gebed:'Allaahoemma innaa nasta’ienoeka wa nastaghfiroeka wa noe'minoe bika wa natawakkaloe ‘alaika wa noetsnie ‘alaikal-khaira wa nasjkoeroeka wa laa nakfoeroeka wa nakhla’oe wa natroekoe mai-jafdjoeroeka. Allaahoemma ijjaaka na’boedoe wa ilaika noeshallie wa nasdjoedoe wa ilaika nas’aa wa nahfidoe wa nardjoe rahmataka wa nakhsjaa ‘adzaabaka inna ‘adzaabaka bil-koeffaari moelhiq.
Oh Allah, wij vragen U om hulp en om Uw vergeving en wij geloven in U en stellen ons vertrouwen op U en wij loven U op de beste manier en danken U en wij zijn U niet ondankbaar en wij verlaten en nemen afstand van hem die U niet gehoorzaamt.Oh Allah, wij aanbidden U alleen en bidden tot U en buigen helemaal tot op de grond voor U en wij snellen naar U en dienen U en wij hopen op Uw genade en wij vrezen Uw straf. Waarlijk de ongelovigen zullen Uw straf krijgen.'
Deze doe’a' kan gelezen worden, want het is een mooie doe’a', maar hij behoort niet tot de doe’a'-s die de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) in zijn qoenoet zei.Er zijn enkele andere doe’a's die de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) gewoonlijk zei in zijn qoenoet in het witr-gebed of in andere gebeden. Je kunt al deze doe’a'-s samen lezen of één van hen of één van deze doe’a'-s met anderen combineren.
Het vrijdaggebedHet belang van het bijwonen van het vrijdaggebed
"O, jullie die geloven! Wanneer de oproep voor het gebed op de vrijdag wordt gedaan, kom dan voor de overdenking van Allah en laat je zaken, dat is beter voor jullie als jullie het maar weten!”(Qoer-aan Al-Djoemoe’ah: 9)
Het vrijdaggebed (djoemoe’ah-gebed) heeft een uiterst hoge waarde in de islam. Het heeft z’n eigen moreel, sociaal en politiek belang. Het is voor alle moslimmannen verplicht. Voor vrouwen en ernstig zieken, reizigers en slaven is het niet verplicht. Zij kunnen de djoemoe’ah bidden maar zijn er niet toe verplicht. De Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) heeft felle waarschuwingen gegeven aan degenen die zonder goede reden het djoemoe’ah-gebed overslaan.In een hadiets van ‘Abdoellah ibn Mas’oed (moge Alah tevreden met hen zijn) vertelde hij wat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) eens had gezegd over de mensen die zonder geldige reden niet naar het djoemoe’ah-gebed komen. "Ik wou dat ik iemand kon aanstellen om het gebed te leiden, dan zou ik zelf naar de huizen gaan van degenen die het djoemoe’ahgebed zomaar overslaan en ik zou ze in brand steken met de bewoners erin." (Moeslim, Ahmad)Een andere hadiets vertelt: "Iemand die drie opeenvolgende vrijdaggebeden overslaat, (bij hem) plaatst Allah een zegel op zijn hart (sluit Hij zijn hart af voor het geloof). (Ahmad, At-Tirmidzi, Aboe Dawoed)
Het belang van het reinigen voor het vrijdaggebedOmdat bij het vrijdaggebed een tamelijk grote groep moslims samenkomt in een grote ruimte, hoort men zorg te dragen voor zijn lichamelijke reinheid. De islam legt nadruk op reinheid.De Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei: "Iemand die een bad neemt op vrijdag, zichzelf goed wast, olie en parfum gebruikt; en dan vroeg in de middag naar de moskee gaat en rustig en zonder te duwen of de mensen te storen plaats neemt, dan vrijwillige gebeden bidt zoveel als hij kan; dan stil luistert naar de Khoetbah (les, preek door de imaam); al zijn zonden tussen deze en de komende vrijdag zullen vergeven worden!" (Boekharie)
Het is beter om vroeg naar het djoemoe’ah-gebed te gaanAboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei: "Op vrijdag staan de engelen bij de deur van de moskee en schrijven de namen op van de mensen, die binnenkomen voor het djoemoe’ah-gebed, in volgorde van binnenkomst.De eerste groep mensen die de moskee binnenkomt, krijgt een even grote beloning als voor het offeren van een kameel. De mensen die na hen binnenkomen, krijgen een beloning zoals voor het offeren van een koe. De mensen die na hen binnenkomen, krijgen een even grote beloning zoals voor het offeren van een schaap en de mensen die daarna binnenkomen, krijgen de even grote beloning zoals voor het offeren van een kip, een ei enz.Er zijn verschillende beloningen voor mensen, wanneer zij binnenkomen. De engelen gaan door met het opschrijven van de namen van degenen die de moskee binnenkomen, tot de imaam gaat zitten om de Khoethbah te geven. Dan sluiten de engelen hun lijsten en gaan zitten om naar de Khoethbah te luisteren. (Boekharie, Moeslim)
Het gebed voor het vrijdaggebedAls je in de moskee zit te wachten op het djoemoe’ah-gebed, kun je voordat de adzaan is gezegd zoveel nafl-gebeden verrichten als je wilt. Dit zijn twee raka’aat die je altijd hoort te bidden als je een moskee binnenkomt; het is een 'begroeting voor de moskee'.
Terwijl het gewoonlijk afgeraden is om net voor het Zdoehr-gebed te bidden, is het djoemoe’ah-gebed een uitzondering, omdat je voor de adzaan wel mag bidden. Deze regel is er, omdat de khoethbah meestal direkt na de adzaan begint en er dan dus geen gelegenheid meer is om extra te bidden vóór de khoethbah en het djoemoe’ah-gebed. Overigens verschillen de meningen over deze zaak per wetschool. In ieder geval hoor je de 'tahijjaa-toel-masdjied' (begroeting van de moskee) te bidden.
Het luisteren naar de goetbah (les, preek)Zodra de goetba begonnen is, zitten alle aanwezigen in volkomen stilte te luisteren, zonder ook maar door één woord hun beloning voor het luisteren te verliezen. Als iemand binnenkomt wanneer de khutba al begonnen is, bidt hij eerst twee raka’aat voordat hij gaat zitten luisteren.
Djaabir (moge Alah tevreden met hen zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei, terwijl hij een goetba aan het geven was: "Als iemand van jullie naar het vrijdaggebed komt terwijl de imaam met de Khoethbah bezig is, hoort hij twee raka’aat te bidden en ze niet te lang te maken." (Moeslim)
Er is een andere hadiets. Djaabir (moge Alah tevreden met hen zijn) vertelde dat er een keer een man naar het vrijdaggebed kwam toen de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) een Khoethbah aan het geven was. De Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei hem: "Heb jij gebeden?" "Nee", antwoordde de man. Toen zei de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) "Sta op en bid!" (Boekharie, Moeslim, Aboe Dawoed, At-Tirmidzi)
Als de imam met zijn khutba klaar is, geeft hij de laatkomers de gelegenheid om 2 of 4 raka’at soennah te bidden, daarna geeft de imam nog een korte toespraak in het Arabisch waarna hij het djoemoe’ah-gebed leidt.Sommige mensen vinden het ongepast als ze zien dat de laatkomers de soennah bidden terwijl de imam spreekt. Ze vinden dat de imam dan niet gerespecteerd wordt. Dit is onjuist en wordt niet door de gebruiken van de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) ondersteund. Het is ook tegenstrijdig aan de ahadiets die hierboven genoemd zijn en de volgende hadiets.Aboe Qataadah (moge Allah tevrden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei: "Wanneer iemand van jullie de moskee binnenkomt, hoort hij niet te gaan zitten zonder twee raka’aat begroeting van de moskee te bidden."(Boekharie, Moeslim)Deze ahadiets verklaren de punten van de foute praktijk die hierboven is genoemd. De imams en ‘oelaamaa die maar de minste vrees voor Allah hebben en respect voor de ahadiets en soennah van de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) moeten dit gebruik niet tegenhouden en niet boos worden als een ander 2 raka’at bidt.
Hoe verrichten we het vrijdaggebed?Het djoemoe’ah-gebed bestaat uit slechts twee raka’aat. Dit geldt voor het gebed dat verplicht is voor de mannen om gezamenlijk op vrijdagmiddag (Zdoehr-tijd) in de moskee te bidden.Vrouwen of zieken die thuis bidden, verrichten de volle vier raka’aat van het fard Zdoehr-gebed.Als iemand laat in de moskee komt en nog maar één raka’ah met de djamaa’ah (groep) mee kan bidden, moet hij doorgaan met bidden wanneer de anderen de tasliem zeggen. Hij bidt dan nog een raka’ah en sluit dan het gebed af met de tasliem.Als iemand helemaal te laat komt voor het gebed, verricht hij vier raka’aat Zhoehr-gebed. In het djoemoe’ah-gebed leest de imaam wel hardop de Qoer-aanverzen.
Het gebed na het vrijdaggebedHet is soennah om na het djoemoe’ah-gebed twee raka’aat te bidden; sommige metgezellen van de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) waren gewend om dan vier of zes raka’aat te bidden.Ibn ‘Oemar (moge Allah tevrden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) niet bad na shalaa-toel-djoemoe’ah. Pas als hij naar huis ging, bad hij twee raka’aat thuis. (Boekharie, Moeslim)
Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei: "Iedereen die na het vrijdaggebed gaat bidden, hoort vier raka’aat te bidden." (Moeslim)
Athaa zei: Telkens wanneer ‘Abdoellah ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden met hem zijn) het djoemoe’ah-gebed in Mekka bad, stapte hij na het djoemoe’ah-gebed een beetje naar voren en bad twee raka’aat, daarna bewoog hij weer wat naar voor en bad vier raka’aat. En wanneer hij in Medinah was, bad hij na het djoemoe’ah-gebed niet in de moskee; hij bad pas twee raka’aat als hij thuis kwam. Toen hem werd gevraagd waarom hij niet in de moskee bad na het djoemoe’ah-gebed, zei hij: "Dit was het gebruik van Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn)."
Vrouwen en het djoemoe’ah-gebedHet is toegestaan dat vrouwen het djoemoe’ah-gebed bijwonen. Meestal is er een aparte ruimte en ingang in de moskee voor de vrouwen. De vrouwen zitten daar, luisteren naar de khutba en bidden mee. Ze horen de imaam meestal via een microfoon. In het algemeen, wanneer vrouwen in een onafgescheiden ruimte met mannen samen bidden, horen ze zover mogelijk naar achter te gaan staan, de achterste rijen zijn voor hen dan het beste.
Het Eid-gebed - Eid al-Adha en Eid ul-Fitr (feestgebed)
Er zijn elk islamitisch jaar twee feesten met elk een feestgebed: het Eid al-Adha (Ied oel-Adha) en het Eid ul-Fitr (Ied oel-Fitr). Het Eid ul-Adha is het offerfeest aan het einde van de Hadj (pelgrimstocht) en het Iedoel-Fithr is het feest van het verbreken van het vasten aan het einde van de vastenmaand Ramadhaan. Het Ied-gebed is een soennah moe'akkadah-gebed. Het is soenna dat zoveel mogelijk moslims, mannen en vrouwen, oud en jong het 'Ied-gebed verrichten. Hoe groter de groep, des te beter. Het is gebruikelijk dat meerdere moskeeën samen het Ied-gebed organiseren. Vrouwen die menstrueren kunnen het gebed bijwonen door aan de kant te gaan zitten. Op deze manier kunnen ze de sfeer van het gebed meemaken en de khutbah horen.De plaats voor het Eid-gebedHet is soennah om het Ied-gebed in de open lucht te verrichten: een park, veld, woestijn etc. Als het regent of als er geen geschikte plaats gevonden kan worden, dan kan het gebed in de moskee (Als de moskee groot genoeg is om iedereen te omvatten, dan is het gebed in de moskee beter. Want de zegeningen in de moskee zijn groter) of in een grote hal gebeden worden.
Het aantal raka’aat van het Ied-gebedHet Ied-gebed bestaat uit twee raka’aat. Voor of na het Ied-gebed is er geen nafl-gebed. Ook is er geen adzaan of iqaamah voor het Ied-gebed.Ibn ‘Abbaas t vertelde: "Het is zeker dat de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) gewend was om alleen maar twee raka’aat als Ied-gebed te bidden. Hij bad niets ervoor of erna." (Boekharie, Moeslim)
Hoe wordt het Ied-gebed gebeden?De twee raka’aat van het Ied-gebed worden gedaan zoals twee raka’aat van het gewone gebed, met één uitzondering. Er zijn zeven takbiers in de eerste raka’ah en vijf takbiers in de tweede raka’ah. Na de takbieratoel ihraam van de eerste raka’ah worden nog zes takbiers gedaan: je heft nog zes maal de handen tot schouderhoogte op en zegt daarbij telkens hardop 'Allaahoe Akbar'. Telkens gaan je handen terug naar op of onder je borst. De hele groep moslims zegt de imaam na, hardop, 'Allaahoe Akbar'. In de tweede raka’ah gebeurt dit dus vijf maal achter elkaar. De takbiers worden voor het lezen van soeratoel-Faatihah verricht.De Koran recitatie wordt door de imaam hardop gedaan.
Katsier ibn ‘Abdoellah vertelde van zijn vader en zijn vader van zijn grootvader, dat de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zeven takbiers in de eerste raka’ah zei en vijf takbiers in de tweede raka’ah van het Ied-gebed, voordat hij de recitatie begon. (At-Tirmidzi, Ibn Maadjah, Ad-Darimi)
Het Ied-gebed wordt verricht voor de Ied-Khoetbah (les, preek)Dja’faar ibn Mohammed (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde: "Er is geen twijfel over, Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn), Aboe Bakr (moge Allah tevreden met hem zijn) en ‘Oemar (moge Allah tevreden met hem zijn) zeiden zeven takbiers in de eerste raka’ah van het Ied-gebed en het regengebed en vijf takbiers in de tweede raka’ah van het Ied-gebed en het regengebed. De Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) verrichte het gebed vóór de Khoethbah en hij reciteerde Qoer-aan in het gebed hardop." (Asj-Sjaafi’ie)
Het regengebedHet regengebed is een speciaal gebed dat tijdens een droogteperiode wordt gebeden. De moslims wordt gevraagd om samen te komen voor een twee raka’aat tellend gebed in de buitenlucht. Na het gebed worden speciale smeekbedes voor regen gemaakt.
Het djanaazah-gebed (begrafenisgebed)Een moslim heeft het recht, dat andere moslims na zijn of haar dood een djanaazah-gebed voor hem of haar verrichten. Het is een 'fardh kifaajah' -gebed: als een groep moslims het djanaazah-gebed verricht, vervullen ze daarmee de plicht van alle moslims om voor de overledene te bidden. Moslims die niet aanwezig konden zijn, hebben door deze regel hun plicht toch niet verzaakt. Als van heel de moslimgemeenschap niemand het djanaazah-gebed zou bidden, dan zou heel de gemeenschap schuldig zijn aan nalatigheid van de plichten. Door het djanaazah-gebed te verrichten, behoeden we ons voor de ontevredenheid van Allah, de Heilige en Allerhoogste. De beloning voor het gebed echter, komt alleen voor hen die het bidden. Uit de hadiets blijkt dat Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) sterk de nadruk heeft gelegd op de verrichting van het djanaazah-gebed en dat hij zijn metgezellen aanspoorde om begrafenisceremonies bij te wonen. Elke moslimman hoort zijn best te doen om zijn plicht jegens de overledenen te vervullen.
Vrouwen mogen een djanaazah-gebed meebidden, op voorwaarde dat zij uit het zicht van mannen kunnen staan (bijvoorbeeld in de vrouwenruimte van de moskee). Ze gaan echter niet mee naar de begrafenis zelf.
Het djanaazah-gebed is een gezamenlijk gebedOpdat er meer beloning uit voortkomt. Het kan in meerdere groepen gebeden worden, maar dan door verschillende mensen. Voorbereidingen voor het gebedIn het geval dat de overledene een man is, hoort de imaam ter hoogte van het hoofd en de schouders van de overledene te gaan staan; in het geval de overledene een vrouw is, gaat hij ter hoogte van het middel van haar lichaam staan.
Het verschil tussen het djanaazah-gebed en de gewone gebedenEr is een duidelijk verschil met het gewone gebed, namelijk dat er geen roekoe’, geen sadjdah en geen tasjahhoed is in het djanaazah-gebed. Ook is er geen vastgestelde tijd voor dit gebed. Het wordt alleen maar in de staande positie gebeden. Aan de andere voorwaarden zoals het richten naar de qiblah, soetrah, kleding enz. hoort voldaan te worden zoals in de gewone gebeden.
Hoe verricht je het djanaazah-gebed?1. Je gaat gericht naar de qiblah staan. De imaam vraagt de moslims om de rijen recht te maken. Er moeten zoveel mogelijk rijen gevormd worden, dat geeft meer beloning.
2. Je hoort de intentie te hebben om het djanaazah-gebed te verrichten. Dit doe je in je hart, zonder woorden, want dit was de gewoonte van de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) of zijn metgezellen.
3. De eerste takbier van de takbieratoel ihraam.Het djanaazah-gebed bestaat uit vier takbiers. De eerste takbier is de takbieratoel ihraam. De imaam zegt 'Allaahoe Akbar' en zet zijn handen aan zijn oren, zoals in hoofdstuk vier beschreven. De moslims doen hem na en leggen allen hun handen op hun borst.
Het opzeggen van al-Faatihah:A’oedzoe bi-Llaahi minasj-sjaithaanir-radjiem. en dan reciteer je hoofdstuk Al-Faatihah.
Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem Al-hamdoe li-Llaahi Rabbil-‘aalamien. Ar-Rahmaanir-Rahiem. Maaliki jawmid-dien. Ijjaaka na’boedoe wa ijjaaka nasta’ien. Ihdinash-shiraathal-moestaqiem. Shiraathal-ladziena an’amta ‘alaihim. Ghairil-maghdhoebi ‘alaihim wa ladh-dhaallien. Aamien
Sommige mensen zeggen geen Soeratoel-Faatihah in het djanaazah-gebed, maar het is noodzakelijk om het te lezen in elk soort gebed. De Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) heeft gezegd dat een gebed zonder Faatiha geen waarde heeft.
Talhah ibn ‘Abdoellah ibn ‘Awf (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat hij het djanaazah-gebed achter ‘Abdoellah ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden met hem zijn) bad en Abdoellah ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden met hem zijn) las Soeratoel-Faatihah hardop. Daarna zei hij: "Ik heb het hardop gebeden zodat jullie zullen weten dat het de soennah van Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) is.” (Al-Boekharie)
Deze hadieth is een bewijs dat het reciteren van Soeratoel-Faatihah ook in het djanaazah-gebed noodzakelijk is.
De tweede takbierDan hoort de imam de tweede takbier te zeggen en de djamaa’ah (groep) zegt hem na. Het is niet noodzakelijk om de handen op te heffen maar als iemand het wel doet, is het ook goed. Beide manieren zijn aan de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) overgeleverd.
Na de tweede takbierNa de tweede takbier hoor je zegeningen voor de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) te vragen, in stilte. Bij voorkeur zeg je de shalaawah, de woorden die je zegt na de tasjahhoed van het gewone gebed.
De derde takbierDan zegt de imaam de derde takbier en de djamaa’ah volgt hem. Nu bidt iedereen een persoonlijk gebed voor de overledene. Er kunnen verschillende doe’a's voor de zielerust van de overledene worden gezegd. Sommigen daarvan zijn hieronder genoemd.
De doe’a voor de overledene1. Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) het djanaazah-gebed van een moslim bad en hij zei in zijn doe’a (de volgende woorden):
Allaahoemmaghfir lihajjinaa wa majjitinaa, wa sjaahidinaa wa ghaa'ibinaa, wa shaghierinaa wa kabierinaa, wa dzakarinaa wa oentsaanaa, Allaahoemma man ahjaitahoe minnaa, Fa-ahjihi ‘alal-islaami, wa man tawaffaitahoe minnaa, Fa-tawaffahoe ‘alal-iemaani, Allaahoemma laa tahrimnaa adjrahoe wa laa taftinnaa ba’dahoe
Oh Allah, vergeef onze mensen die nog leven en zij die gestorven zijn, vergeef degenen die aanwezig zijn en degenen die afwezig zijn, vergeef onze jongeren en onze ouderen, vergeef onze mannen en onze vrouwen.Oh Allah, degenen van ons die U in leven wenst te houden, laat hem leven volgens de islam en wie U van ons wenst te laten sterven, laat hem sterven met een sterk geloof.Oh Allah, ontneem ons niet zijn beloning en breng ons na zijn dood niet in beproeving (Ahmad, Aboe Dawoed, At-Tirmidzi, Ibn Maadjah)
2. ‘Awf ibn Maalik (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) het djanaazah-gebed bad en ik hoorde hem de volgende doe’a zeggen en ik leerde het van buiten;
Allaahoemmaghfir lahoe warhamhoe wa‘foe ‘anhoe wa ‘aafihie wa akrim noezoelahoe wa wassi’ moedkhalahoe waghsilhoe bil-maa' i wats-tsaldji wal-baradi wa naqqihie minal-khathaajaa kamaa joenaqqats-tsawboel-abjadhoe minad-danasi wa abdilhoe daaran khairam-min daarihie wa ahlan khairam-min ahlihie wa zawdjan khairam-min zawdjihie wa adkhilhoel-djannata wa qihie fitnatal-qabri wa ‘adzaaban-naar.
'Oh Allah, vergeef hem, heb genade met hem, scheld hem kwijt en geef hem succes, geef hem een eerbare neerlating en een ruime verblijfplaats. Was (zijn zonden) van hem af met water, sneeuw en hagel, reinig hem van zijn zonden, zoals een wit kledingstuk gereinigd wordt van vuil.Vervang zijn huidige verblijfplaats door een betere, vervang zijn huidige familie door een betere, vervang zijn huidige vrouw door een betere.Laat hem het paradijs binnengaan en red hem van de martelingen van het graf en de straffen van de hel. (Moeslim)
3. Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) zei dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) bad en zei:
Allaahoemma Anta Rabboehaa, wa Anta khalaqtahaa, wa Anta razaqtahaa wa Anta hadaitahaa lil-islaam, wa Anta qabadhta roehahaa, wa Anta ‘alamoe bi-sirrihaa wa ‘alaanijjatihaa, dji'naa sjoefa’aa'a faghfir lahoe dzanbahoe.
'Oh Allah, U bent zijn Heer, U hebt het geschapen, U hebt hem voorziening gegeven en U hebt hem naar de islam geleid en U hebt er zijn ziel uit genomen en U kent het beste zijn geheimen en zijn openlijke daden. Wij zijn gekomen om voorspraak te doen, daarom, vergeef hem.' (Aboe Dawoed, Ahmad)
Eén ding is duidelijk te zien aan deze drie ahadiets, namelijk, dat elke metgezel die een djanaazah-doe’a overleverde, zei dat hij de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) de woorden van de doe’a in het djanaazah-gebed had horen zeggen. Dit is een bewijs dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) gewend was om het djanaazah-gebed, of op z'n minst de doe’a in het djanaazah-gebed met hoorbare stem te zeggen. Daarom hoeft er geen twijfel over te bestaan of de imam het djanaazahgebed hoorbaar mag doen.Er zijn nog andere doe’a's overgeleverd van de Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) en je kunt ze in de hadietsboeken vinden. Al deze doe’a's kun je samen of apart zeggen. Andere doe’a's kunnen gezegd worden samen met deze doe’a's, maar het is beter om vast te houden aan de doe’a's die de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zelf zei.
Het beëindigen van het djanaazah-gebed, (vierde takbier)Daarna zegt de imaam de vierde takbier en de djamaa’ah volgt hem. Dan zegt de imaam twee keer 'As-salaamoe ‘alaikoem wa rahmatoe-Llaahi wa barakaatoehoe', de ene keer zijn gezicht naar rechts draaiend en de andere keer naar links. De gemeenschap hoort hetzelfde te doen.
Noot: Sommige mensen leggen er veel nadruk op om doe’a's te zeggen nadat het djanaazah-gebed afgelopen is, maar we konden geen enkele hadiets vinden die dit idee ondersteunt. Het djanaazah-gebed is zo bepaald, dat al de doe’a's die iemand voor de overledene wil zeggen na de derde takbier gezegd kunnen worden. Dit was het oorspronkelijke gebruik van de Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) en zijn metgezellen.
Het reizigersgebed
"En als jullie op de aarde rondtrekken, dan is het voor jullie geen zonde de shalaat te verkorten...." (Qoer-aan An-Nisaa: 101)
De islam houdt een praktische manier van leven in. In Zijn Wijsheid beschouwt Allah, de Heilige, de Allerhoogste ook de omstandigheden die voor een moslim moeilijker zijn. Hij heeft de voorschriften in zulke situaties gemakkelijker gemaakt. Onder de mogelijkheden die Allah, de Heilige, de Allerhoogste ons gegeven heeft, valt de toestemming om tijdens een reis de dagelijkse gebeden te combineren en in te korten.
"...Allah wenst voor jullie het gemakkelijke en Hij wenst voor jullie niet het ongemak..." (Qoer-aan Al-Baqarah: 185)
Het qashr-gebed (het verkorte gebed)Als een moslim op reis is, bidt hij twee raka’aat fardh voor het Zhoehr-, 'Ashr- en 'Isjaa'-gebed. Het Fadjr- en Maghrib-gebed blijven zoals ze zijn.
Het is beter (in beloning) om het gebed in te korten.Het geeft een grotere beloning wanneer je op reis het ingekorte gebed bidt. De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) zei: "Het is een geschenk van Allah dat Hij jullie heeft gegeven, neem het daarom aan." (Moeslim)
Het combineren van gebedenIemand die op reis is, kan het Zhoehr-gebed en het ‘Ashr-gebed samenvoegen en hen samen bidden op de tijd van Zhoehr of 'Ashr. Ook kan hij de Maghrib- en 'Isjaa'-gebeden samenvoegen en ze samen bidden op de tijd van het Maghrib- of 'Isjaa-gebed.
Ibn ‘Abbaas (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) gewoonlijk de Zhoehr- en ‘Ashr-gebeden samenvoegde wanneer hij op reis was en ook de Maghrib- en 'Isjaa- gebeden. (Al-Boekharie)
Moe’aadz (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) op reis was voor de slag bij Taboek. Als de zon al was gaan zakken op het moment dat hij verder wilde reizen - nadat hij ergens gekampeerd had - dan voegde hij het Zhoehr- en ‘Ashr-gebed samen en bad hen op de tijd van Zhoehr. Als hij besloot om verder te gaan voordat de zon was gaan zakken, dan stelde hij het Zhoehr-gebed uit en voegde het samen met het ‘Ashr-gebed en bad ze samen op de tijd van de 'Ashr. Als de zon al onder was wanneer hij wilde vertrekken, bad hij het Maghrib- en 'Isjaa-gebed samen op de tijd van de Maghrib. En als de zon nog niet onder was gegaan en hij wilde verder reizen, dan stelde hij het Maghrib-gebed uit en bad het later op de tijd van ‘Isjaa samen met het 'Isjaa'-gebed. (Aboe Dawoed, At-Tirmidzi)
Deze ahadiets geven heel duidelijk de feiten weer over het combineren van de gebeden, zoals de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) het gewend was om te doen. Maar er zijn mensen die twijfelen om op reis de gebeden te combineren. Echter, het is een gift van Allah, die de moslims moeten aannemen en dankbaar moeten gebruiken. Een gift van Allah, de Heilige, de Allerhoogste en van Zijn boodschapper (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) hoor je nooit te verwerpen.
Wanneer verkort je en combineer je de gebeden?En dan is er de vraag wanneer de reisafstand en de duur van de reis voldoende zijn om gebeden in te korten en te combineren.1. Jahjaa ibn Jazied zei: "Ik vroeg Anas ibn Maalik (moge Allah tevreden met hem zijn) wanneer je je gebeden mag inkorten? Anas (moge Allah tevreden met hem zijn) antwoordde dat de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) verkort bad wanneer hij 5 km ver wegging. (Moeslim, Ahmad, Aboe Dawoed, Al-Baihaqie)
2. Aboe Sa’ied (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat telkens wanneer de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) ongeveer één farskh reisde, dit is ongeveer 5 km, hij het verkorte gebed zei. (Talkhiesh ibn Hadjr)
Op basis van deze ahadiets kan je qashr-gebed bidden en gebeden samenvoegen als de reisafstand vanaf huis 5 km is. Dit is de minimale grens voor het qashr-gebed. Er zijn echter toch veel verschillende meningen over de minimale maat van de afstand; bijvoorbeeld ongeveer 15 km, 110 km of één dag reizen. Naar onze mening is de juiste bepaling van wat een reis is, datgene wat een gemeenschap ziet als een reis, waarbij ze minimaal 5 km weg moet zijn.
De duur van de reisZolang iemand op reis is, al is het weken, maanden of jaren, kan hij zijn gebeden verkorten en samenvoegen. Zelfs als hij tijdens zijn reis een vastgesteld aantal dagen op een bepaalde plaats moet blijven, kan hij doorgaan met qashr-gebeden en samenvoeging van gebeden.Als hij echter voorneemt om op één plaats een vast aantal dagen te blijven, dan verschillen de meningen over hoe lang hij met inkorten en samenvoegen mag doorgaan, bijvoorbeeld 4, 10, 17, 18 dagen etc.Na nauwkeurige hadietsstudie kunnen we zeggen dat als iemand tijdelijk op een plaats verblijft, hij nog steeds een reiziger is en er is geen grens aan het aantal dagen dat hij qashr-gebed kan bidden en gebeden kan combineren.
Nafl-gebeden tijdens een reisDe Profeet Mohammed (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) heeft op reis altijd het witr-gebed gebeden. Ook de twee raka’aat soennah van het Fadjr-gebed deed hij op reis altijd. Hij benadrukte het belang hiervan en spoorde zijn metgezellen aan om deze nafl te bidden. Dus moeten wij op reis deze beiden bidden.Maar wat betreft enig ander nafl- en soennah-gebed? Hierop geeft de volgende hadiets het antwoord.
Hafs ibn ‘Aashim vertelde: "Ik was met ‘Abdoellah ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden met hem zijn) op reis naar Mekka. Onderweg naar Mekka leidde hij ons in het Zhoehr-gebed en bad twee raka’aat. Daarna ging hij weg en ging in zijn tent zitten. Hij zag enkele mensen bidden en vroeg mij wat die aan het doen waren. "Zij bidden nafl-gebeden.", zei ik. Toen zei hij: "Als ik nafl zou kunnen bidden, dan zou ik het volledige fardh-gebed (4 raka’aat) hebben gebeden." Verder zei hij: "Ik was met de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) op reis. Hij bad tijdens zijn reizen niet meer dan twee raka’aat. Daarna was ik met Aboe Bakr op reis, met ‘Oemar en met ‘Oetsman (moge Allah tevreden met hun zijn) en zij deden precies zoals de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn). Er is een goed voorbeeld voor jullie in de gebruiken van de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn)." (Al-Boekharie)
Sommige ahadiets bewijzen dat de metgezellen gewend waren om nafl-gebeden onderweg te bidden. Het is beter om geen nafl-gebeden op reis te bidden, maar als je een tijdje ergens verblijft en je hebt er tijd voor, dan mag je nafl-gebeden verrichten.
donderdag 14 februari 2008
De Sadjdah Sahwi
De Sadjdah voor vergeetachtigheidAls je een fout maakt in je gebed, wat hoor je dan te doen?De sadjdah sahwi is toegestaan wanneer je in het gebed de concentratie verliest of je vergeet hoeveel raka’aat je al hebt gebeden. Het kan ook gebeuren dat je na de tweede raka’ah vergeet om te zitten en direkt opstaat. In beide gevallen hoor je eerst het gebed te corrigeren, op basis van wat je zeker weet. Bovendien doe je aan het eind van het gebed, voor het opzeggen van de salaam, twee sadjdah's sahwi. De sadjdah's sahwi zijn een compensatie voor het maken van fouten in het gebed.
‘Abdoellah ibn Boedjainah (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) het Zhoehr-gebed voor hen leidde. Hij stond op na de eerste twee raka’aat en ging niet zitten voor de tasjahhoed; en de mensen gingen dus ook opstaan. Toen hij klaar was met het gebed en de mensen erop wachtten dat hij 'salaam zou zeggen, zei hij Allaahoe Akbar, terwijl hij zat en deed twee sadjdah's voorafgaand aan de tasliem (salaam aan einde van het gebed). Toen zei hij de salaam rechts en links. (Boekharie en Moeslim)
Aboe Sa’ied al-Goedrie (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: "Als iemand van jullie tijdens zijn gebed in de war raakt en het aantal gedane raka’aat niet meer weet (3 of 4), dan hoort hij dat waar twijfel over is weg te laten en zijn gebed te vervolgen op basis van het aantal raka’aat waar hij zeker van is. Bovendien doet hij twee extra sadjdah's voor de tasliem. Als hij dan vijf raka’aat zou hebben gebeden, dan zullen deze twee sadjdah's zijn gebed tot zes raka’aat maken (twee ervan zijn dan nafl). En als hij het juiste aantal raka’aat (4) zou hebben gebeden, dan zullen deze twee sadjdah's als een belediging voor de duivel zijn." (Moeslim)
Deze ahadiets bewijzen dat de sadjdah's sahwi vóór de tasliem gedaan worden, maar er zijn ook ahadiets die bewijzen dat de Profeet (v.z.m.h.) twee sadjdah's sahwi deed na de tasliem.
‘Abdoellah ibn Dja’far (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde dat de Profeet (v.z.m.h.) zei: "Iemand die verward is geraakt en twijfelt over zijn gebed, hoort twee extra sadjdah's te doen na de tasliem." (Ahmad, Aboe Dawoed, An-Nasaa’i, Ibn Goezaima)
Deze twee ahadiets spreken elkaar niet tegen. Beide manieren werden door de Profeet (v.z.m.h.) goedgekeurd. Het hangt namelijk af van de situatie. Heeft men iets te weinig gedaan, dan moet men dat eerst aanvullen en de sadjdah vóór de salaam. Heeft men teveel gedaan: de sadjdah na de salaam.
Wanneer mag je de sadjdah sahwi doen?1. Als iemand twijfelt over het aantal raka’aat dat hij al gebeden heeft;2. Als hij vergeet te zitten bij de eerste tasjahhoed en meteen doorgaat met de derde raka’ah en3. Als hij zijn gebed in vergeetachtigheid eindigt, zonder het aantal raka’aat, dat hij van plan was om te bidden, gebeden te hebben.
Het gezamenlijk gebed (Djamaa’ah)Er zijn enkele andere gelegenheden waarbij gezamenlijk gebeden wordt, bijvoorbeeld de feestgebeden van de Ied-feesten, het taraawieh-gebed in Ramadhaan en het djanaazah-gebed (begrafenisgebed). Echter, het wordt aangeraden om de gebruikelijke vrijwillige-gebeden alleen te bidden. Het is voor mannen verplicht om elk fardh-gebed gezamenlijk te bidden. De beloning van het gezamenlijke gebed is voor iedere deelnemer veel groter dan het gebed voor zich alleen. De Profeet (v.z.m.h.) heeft er bij zijn metgezellen ten zeerste op aangedrongen altijd hun uiterste best te doen om elk fardh-gebed in djamaa’ah, in de moskee, te bidden. Hij heeft degenen, die het djamaa’ah-gebed negeren beschuldigd van grote ongehoorzaamheid en erger. Regelmatig samen bidden brengt de mensen dicht bij elkaar en het houdt de onderlinge betrokkenheid en de algehele moraal van de gemeenschap hoog.
Ibn ‘Oemar (moge Alah tevreden zijn met hem) heeft overgeleverd dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: "Het gebed in djamaa’ah is zevenentwintig keer beter dan het gebed van het individu alleen." (Boekharie, Moeslim)
Vrouwen mogen djamaa’ah in de moskee meebidden. De Profeet (v.z.m.h.) heeft gezegd dat de mannen dit de vrouwen niet mogen verbieden. Echter, het is beter voor vrouwen om hun gebeden in hun huizen te bidden. Het wordt vrouwen zelfs aangeraden om in hun slaapkamers te bidden.In het gezamenlijk gebed staan jong en oud, arm en rijk, de vorst en de onderdaan verzameld op een plaats, in gebed tot Allah.
Hoe wordt het gezamenlijke gebed verricht?Als een groep mensen verzameld is en iedereen wil bidden, dan hoor je samen te bidden. Het gebed van twee personen, al is één van hen een kind of een vrouw, is een djamaa’ah -gebed. Hoe meer moslims meebidden, des te groter is de waarde van het gebed. Degene die het gebed gaat leiden (de imaam), is degene die het best Qoer-aan kan reciteren en het meest onderlegd is in de hadietsleer van de Profeet (v.z.m.h.), al is hij nog maar een jongen. Ook moet hij bekend zijn als een goed mens.
De Profeet (v.z.m.h.) heeft gezegd: "Laat jullie imaams diegenen zijn, die het beste zijn van jullie, want de imaam is jullie vertegenwoordiger bij Allah." (Ad-Daroe-Qoethnie). Als allen gelijk zijn, dan is het de oudste persoon.
De beste plaatsen in het djamaa’ah-gebed zijn de plaatsen in de eerste rijen. Als je met z'n tweeën bidt, staat de imaam links en de ander réchts naast hem. Als een man met zijn vrouw of zus bidt, staat zij achter hem. De imaam staat alleen, voor de eerste rij, ter hoogte van het midden van de rij. Nooit mag iemand alleen achter de groep gaan staan, anders wordt hij snel afgeleid door de Satan. Als de rij vol is en hij kan geen plaats meer vinden, trekt hij iemand naar achter naast zich, zodat ze samen een nieuwe rij vormen.Voordat de imaam, vraagt hij de groep om de rijen recht te maken, de voeten allemaal op een rechte rij naast elkaar te zetten. De moslims moeten elkaar ook gedurende het hele gebed blijven aanraken, of alleen met de voeten; liefst ook met de schouders. Nadat de iqaamah is gezegd begint de imaam met de takbieratoel ihraam. Hij zegt elke 'Allaahoe Akbar' hardop, zodat de gemeenschap zijn bewegingen kan volgen. De Qoer-aanrecitatie wordt niet nagezegd; bij het Zhoehr en ‘Ashr-gebed zegt ieder voor zichzelf Al-Faatihah en een gedeelte van de Qoer-aan. In de andere gebeden zeg je zonder geluid Al-Faatihah mee en luister je naar de verdere Qoer-aanrecitatie. ‘Amien' zeg je hardop met de imaam. Je mag elkaar niet in de war brengen door hardop te reciteren. Elke beweging die de imaam maakt, doe je hem ná. Nooit mag je eerder dan de imaam een beweging maken en ook niet tegelijk met hem; de imaam is er om gevolgd te worden.Als het verplichte gebed in djamaa’ah gebeden wordt, dan hoort de imaam Soeratoel-Faatihah in de volgende gevallen hardop te zeggen: in het Fadjr-, Maghrib- en 'Isjaa'-gebed. Alleen de eerste twee raka’aat worden hardop gebeden. Het Zhoehr- en ‘Ashr-gebed reciteert de imaam in stilte.Eén raka’ah bidden met de imaam geeft reeds de beloning voor het bidden in jamaa’ah. Het is aangeraden voor de imaam om het djamaa’ah-gebed kort te houden, omdat zich onder de moslims ouderen en zieken en soms ook vrouwen met kinderen bevinden. Hij leest dan dus minder lange Qoer-aanverzen, maar doet het gebed wel rustig en correct.
‘Abdoellah ibn Boedjainah (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) het Zhoehr-gebed voor hen leidde. Hij stond op na de eerste twee raka’aat en ging niet zitten voor de tasjahhoed; en de mensen gingen dus ook opstaan. Toen hij klaar was met het gebed en de mensen erop wachtten dat hij 'salaam zou zeggen, zei hij Allaahoe Akbar, terwijl hij zat en deed twee sadjdah's voorafgaand aan de tasliem (salaam aan einde van het gebed). Toen zei hij de salaam rechts en links. (Boekharie en Moeslim)
Aboe Sa’ied al-Goedrie (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: "Als iemand van jullie tijdens zijn gebed in de war raakt en het aantal gedane raka’aat niet meer weet (3 of 4), dan hoort hij dat waar twijfel over is weg te laten en zijn gebed te vervolgen op basis van het aantal raka’aat waar hij zeker van is. Bovendien doet hij twee extra sadjdah's voor de tasliem. Als hij dan vijf raka’aat zou hebben gebeden, dan zullen deze twee sadjdah's zijn gebed tot zes raka’aat maken (twee ervan zijn dan nafl). En als hij het juiste aantal raka’aat (4) zou hebben gebeden, dan zullen deze twee sadjdah's als een belediging voor de duivel zijn." (Moeslim)
Deze ahadiets bewijzen dat de sadjdah's sahwi vóór de tasliem gedaan worden, maar er zijn ook ahadiets die bewijzen dat de Profeet (v.z.m.h.) twee sadjdah's sahwi deed na de tasliem.
‘Abdoellah ibn Dja’far (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde dat de Profeet (v.z.m.h.) zei: "Iemand die verward is geraakt en twijfelt over zijn gebed, hoort twee extra sadjdah's te doen na de tasliem." (Ahmad, Aboe Dawoed, An-Nasaa’i, Ibn Goezaima)
Deze twee ahadiets spreken elkaar niet tegen. Beide manieren werden door de Profeet (v.z.m.h.) goedgekeurd. Het hangt namelijk af van de situatie. Heeft men iets te weinig gedaan, dan moet men dat eerst aanvullen en de sadjdah vóór de salaam. Heeft men teveel gedaan: de sadjdah na de salaam.
Wanneer mag je de sadjdah sahwi doen?1. Als iemand twijfelt over het aantal raka’aat dat hij al gebeden heeft;2. Als hij vergeet te zitten bij de eerste tasjahhoed en meteen doorgaat met de derde raka’ah en3. Als hij zijn gebed in vergeetachtigheid eindigt, zonder het aantal raka’aat, dat hij van plan was om te bidden, gebeden te hebben.
Het gezamenlijk gebed (Djamaa’ah)Er zijn enkele andere gelegenheden waarbij gezamenlijk gebeden wordt, bijvoorbeeld de feestgebeden van de Ied-feesten, het taraawieh-gebed in Ramadhaan en het djanaazah-gebed (begrafenisgebed). Echter, het wordt aangeraden om de gebruikelijke vrijwillige-gebeden alleen te bidden. Het is voor mannen verplicht om elk fardh-gebed gezamenlijk te bidden. De beloning van het gezamenlijke gebed is voor iedere deelnemer veel groter dan het gebed voor zich alleen. De Profeet (v.z.m.h.) heeft er bij zijn metgezellen ten zeerste op aangedrongen altijd hun uiterste best te doen om elk fardh-gebed in djamaa’ah, in de moskee, te bidden. Hij heeft degenen, die het djamaa’ah-gebed negeren beschuldigd van grote ongehoorzaamheid en erger. Regelmatig samen bidden brengt de mensen dicht bij elkaar en het houdt de onderlinge betrokkenheid en de algehele moraal van de gemeenschap hoog.
Ibn ‘Oemar (moge Alah tevreden zijn met hem) heeft overgeleverd dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: "Het gebed in djamaa’ah is zevenentwintig keer beter dan het gebed van het individu alleen." (Boekharie, Moeslim)
Vrouwen mogen djamaa’ah in de moskee meebidden. De Profeet (v.z.m.h.) heeft gezegd dat de mannen dit de vrouwen niet mogen verbieden. Echter, het is beter voor vrouwen om hun gebeden in hun huizen te bidden. Het wordt vrouwen zelfs aangeraden om in hun slaapkamers te bidden.In het gezamenlijk gebed staan jong en oud, arm en rijk, de vorst en de onderdaan verzameld op een plaats, in gebed tot Allah.
Hoe wordt het gezamenlijke gebed verricht?Als een groep mensen verzameld is en iedereen wil bidden, dan hoor je samen te bidden. Het gebed van twee personen, al is één van hen een kind of een vrouw, is een djamaa’ah -gebed. Hoe meer moslims meebidden, des te groter is de waarde van het gebed. Degene die het gebed gaat leiden (de imaam), is degene die het best Qoer-aan kan reciteren en het meest onderlegd is in de hadietsleer van de Profeet (v.z.m.h.), al is hij nog maar een jongen. Ook moet hij bekend zijn als een goed mens.
De Profeet (v.z.m.h.) heeft gezegd: "Laat jullie imaams diegenen zijn, die het beste zijn van jullie, want de imaam is jullie vertegenwoordiger bij Allah." (Ad-Daroe-Qoethnie). Als allen gelijk zijn, dan is het de oudste persoon.
De beste plaatsen in het djamaa’ah-gebed zijn de plaatsen in de eerste rijen. Als je met z'n tweeën bidt, staat de imaam links en de ander réchts naast hem. Als een man met zijn vrouw of zus bidt, staat zij achter hem. De imaam staat alleen, voor de eerste rij, ter hoogte van het midden van de rij. Nooit mag iemand alleen achter de groep gaan staan, anders wordt hij snel afgeleid door de Satan. Als de rij vol is en hij kan geen plaats meer vinden, trekt hij iemand naar achter naast zich, zodat ze samen een nieuwe rij vormen.Voordat de imaam, vraagt hij de groep om de rijen recht te maken, de voeten allemaal op een rechte rij naast elkaar te zetten. De moslims moeten elkaar ook gedurende het hele gebed blijven aanraken, of alleen met de voeten; liefst ook met de schouders. Nadat de iqaamah is gezegd begint de imaam met de takbieratoel ihraam. Hij zegt elke 'Allaahoe Akbar' hardop, zodat de gemeenschap zijn bewegingen kan volgen. De Qoer-aanrecitatie wordt niet nagezegd; bij het Zhoehr en ‘Ashr-gebed zegt ieder voor zichzelf Al-Faatihah en een gedeelte van de Qoer-aan. In de andere gebeden zeg je zonder geluid Al-Faatihah mee en luister je naar de verdere Qoer-aanrecitatie. ‘Amien' zeg je hardop met de imaam. Je mag elkaar niet in de war brengen door hardop te reciteren. Elke beweging die de imaam maakt, doe je hem ná. Nooit mag je eerder dan de imaam een beweging maken en ook niet tegelijk met hem; de imaam is er om gevolgd te worden.Als het verplichte gebed in djamaa’ah gebeden wordt, dan hoort de imaam Soeratoel-Faatihah in de volgende gevallen hardop te zeggen: in het Fadjr-, Maghrib- en 'Isjaa'-gebed. Alleen de eerste twee raka’aat worden hardop gebeden. Het Zhoehr- en ‘Ashr-gebed reciteert de imaam in stilte.Eén raka’ah bidden met de imaam geeft reeds de beloning voor het bidden in jamaa’ah. Het is aangeraden voor de imaam om het djamaa’ah-gebed kort te houden, omdat zich onder de moslims ouderen en zieken en soms ook vrouwen met kinderen bevinden. Hij leest dan dus minder lange Qoer-aanverzen, maar doet het gebed wel rustig en correct.
hoe het gebed te verrichten
In de naam van Allah de Barmhartige de Genadevolle.
Home Forum Folders Wat is Islam Profeet Mohammad v.z.m.h. Ramadan Het gebed Arabische Woordenlijst
Shahada Trouwen Wonderen Koran KinderHoek IslamChat Downloads Links Moskee Ontdek Islam Winkel Donaties
Hoofdstuk 4 - De manier van Islamitisch bidden (shalaat)
Het volledige online salaat boek, alleen online te lezen bij ontdekislam.nl!
De soetrahVoordat je begint met het gebed, moet je iets vóór je plaatsen, vóór de plaats waarop je met het voorhoofd op de grond zal komen (in de ‘sadjdah’-houding). Zo’n voorwerp heet ‘soetrah’ en wordt gebruikt wanneer je alleen bidt. Iemand anders die dan vóór je langs wil lopen, kan dat, als hij maar aan de buitenkant van de soetrah blijft. Als je in een groep bidt, dan is de Imaam (voorganger in het gebed) je soetrah. De Imaam hoort dan wel een eigen soetrah vóór zich te hebben.
De qiblahAls je gaat bidden moet je je, waar je je ook maar bevindt, richten naar de Kabah. De Kabah is het zwart beklede vierkante gebouw in de gewijde moskee van Mekka, in Saoedi-Arabië (in Nederland richt je je ongeveer naar het zuidoosten). De richting naar de qiblah is een uiterst belangrijke voorwaarde bij het bidden. Als je je echter op een plaats bevindt, zoals een woestijn, jungle of een onbekende stad en je kent er de richting van de qiblah niet, dan moet je je best doen om de juiste richting te vragen aan anderen. Wanneer dit ook onmogelijk is, kies dan met je gezond verstand de richting waarvan je denkt dat het de qiblah is en Allah zal, als Hij wil, je gebed aanvaarden.Het is belangrijk dat je (voor de aanvang van het gebed) de richting van de qiblah aanneemt, maar het is geen probleem wanneer de richting tijdens het gebed verandert, zoals gebeurt wanneer je op een schip, in een trein of in een vliegtuig bidt.Tegenwoordig bestaan er kompassen die speciaal zijn gemaakt om de richting van de qiblah aan te geven. Dit is een handig middel wanneer je je op een vreemde plek of in het vliegtuig bevindt.
De intentieNadat je in de richting van de qiblah bent gaan staan, maak je de ‘nijjah’ (intentie). Je maakt de intentie in je gedachten: je neemt je dus voor dat je een bepaald verplicht, soennah of nafl-gebed gaat bidden. Je mag de nijjah nooit hardop zeggen, want de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) heeft dat nooit gedaan en heeft dat ook niet goedgekeurd.De takbieratoel ihraam
Na de nijah begin je het gebed met het zeggen van: 'Allaahoe Akbar' (Allah is de Allergrootste), terwijl je beide handen boven schouderhoogte brengt, met je vingers uitgestrekt naar de oorschelpen.
Dan vouw je je handen op je borst, de rechterhand op de linker.
Deze allereerste ‘Allaahoe Akbar’ heet de takbieratoel ihraam (de Allaahoe Akbar met het verbod), omdat hiermee het gebed begint en vanaf dit moment alle gewone en wereldse daden, spraak en bewegingen verboden zijn.
Tijdens het hele gebed richt je je ogen op het punt waar je je voorhoofd op de grond zal leggen in de sadjdah-houding.
Hoe plaats je je handen na de takbieratoel ihraam?
Sommige mensen plaatsen hun handen onder hun navel, anderen onder hun borst, en andere verklaren dat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) gewoonlijk zijn handen op zijn borst hield. Enkele van deze ahadiets hebben we verzameld.
1. Halb At-Thaa-ie (moge Alah tevreden met hem zijn) vertelde: “Ik zag Allah’s Boodschapper (vrede zij met hem) op zijn borst zijn rechterhand over zijn linkerhand leggen.” (Ahmad, At-Tirmidzi)2. Waa’il ibn Hoedjr (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: “Ik bad met de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) en hij legde op zijn borst zijn rechterhand over zijn linkerhand.” (Moeslim)Er zijn ook andere verhalen waarin gezegd wordt, dat enkele fiqh-geleerden (islamitische wetsgeleerden) gewoonlijk hun handen onder hun borst maar boven hun navel hielden. Het is juist om je handen op één van deze plaatsen te houden, maar het is beter om volgens de gewoonte van de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) de handen op de borst te houden (zie bovenstaande authentieke ahadiets).
De recitatie voorafgaand aan soerah Al-FaatihahEr zijn meerdere doe'a's (smeekbeden) die de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) gewoonlijk reciteerde vóór soera Al-Faatihah. Hier volgen er twee van:
‘Allaahoemma baa’id bainie wa baina khathaajaaja kamaa baa’adta bainal-masjriqi wal-maghrib, Allaahoemma naqqinie min khathaajaaja kamaa joenaqqats-tsawboel-abjadhoe minad-danas, Allaahoemmaghsilnie min khathaajaaja bil-maa'i wats-tsaldji wal-barad’
"Oh Allah, verwijder mij van mijn zonden zoals U het oosten en het westen van elkaar verwijderd hebt, oh Allah, maak mij schoon van mijn zonden zoals een wit kledingstuk van vuil is gereinigd na grondig wassen, oh Allah, was mijn zonden van mij weg met water, sneeuw en hagel.” (Boekharie en Moeslim)
Als je de juist genoemde doe'a niet kent, dan hoor je het volgende te lezen:
Van Oemar is overgeleverd dat de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) de volgende doe'a zei na de takbieratoel ihraam:
“Soebhaanak-Allaahoemma wa bi-hamdika, wa tabaarakas-moeka wa ta’aala djaddoeka wa laa ilaaha ghairoeka”
‘Heilig bent U, oh Allah en alle lof en glorie behoort U en gezegend is Uw naam en verheven Uw majesteit en niemand is waard aanbeden te worden behalve U.’
Je kunt ofwel beide doe'a's reciteren of één van deze of een andere door de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) goedgekeurde doe'a en er zijn er ongeveer zeven. Deze doe’a's kun je vinden op verschillende plaatsen in de hadiets-boeken, namelijk van Moeslim, At-Tirmidzi, Moesnad Imaam Ahmad, Aboe Dawoed, Ad-Daaroe-qoethni, An-Nasaa’i, Ibn Maadjah, Ibn Hibban, Moewaththah Imam Maalik.Je kunt ook al deze zeven doe’a's samen reciteren voorafgaande aan soerah Al-Faatihah.Deze recitatie wordt de ‘doe’a-oel-istiftaah’ genoemd, wat betekent ‘openingsdoe’a. Je hoort deze alleen te reciteren in de eerste rakaat (d.w.z. na de eerste keer Allaahoe Akbar).
De ta’aawoedzDan zeg je:
A‘oedzoe bi-Llaahi minasj-sjaithaanir-radjiem
Ik zoek mijn toevlucht bij Allah tegen de vervloekte duivel
Dit hoor je alleen in de eerste rakaat te zeggen.
Soera Al-Faatihah (De Opening)Dan reciteer je de "Openingssoerah", in het Arabisch: ‘Soeratoel-Faatihah’:
Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem.
In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Al-hamdoe li-Llaahi Rabbil ‘aalamien
Alle lof en dank is aan Allah de Heer van de wereldwezens
Ar-Rahmaanir-Rahiem
De Barmhartige, de Genadevolle
Maaliki jawmiddien
De Enige Eigenaar van de Dag des Oordeels
Ijjaaka na’ boedoe wa ijjaaka nasta’ien
U alleen aanbidden wij en U alleen vragen wij om hulp
Ihdinash-shiraathal-moestaqiem
Leidt ons op het rechte pad
Shiraathal-ladziena an’amta ‘alaihim
Het pad van degenen die Uw gunsten hebben gekregen
Ghairil-maghdoebi ‘alaihim wa ladh-dhaallien
niet van degenen die Uw woede hebben gewekt of van degenen die dwalen
Amien
Amien
Het reciteren van soerah al-Faatihah is noodzakelijk. De Profeet Mohammed (v.z.m.h.) zei, dat geen enkel gebed geldig is als soera al-Faatihah er niet in gereciteerd is.a) ‘Oebaadah ibn Shaamit (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde dat de Profeet Mohammed (vrede en zegeningen zij met hem) zei: ‘Geen enkel gebed is aanvaardbaar zonder dat soerah al-Faatihah erin gereciteerd is.’ (Boekharie, Moeslim, Ahmad, Aboe Dawoed, At-Tirmidzi, An-Nasaa’i, Ibn Maadjah)b) Aboe Hoerairah (moge Alah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Profeet Mohammed (vrede en zegeningen zij met hem) zei, dat wanneer iemand welk gebed dan ook bidt, terwijl hij daarin de Moeder van de Qoer-aan, of zoals in een andere hadietsversie de Opening van het Boek (dit is soera Al-Faatihah) niet leest, zijn gebed onvolledig is, het gebed onvolledig is, het gebed onvolledig is. (Boekharie, Moeslim, Ahmad)c) Aboe Hoerairah (vertelde) dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei: ‘Geen gebed zal goed voor iemand zijn wanneer hij er soerah al-Faatihah niet in leest.’ (Ibn Khoezaimah, Ibn Hibban, Ahmad)Uit bovenstaande ahadiets leren we dat soerah al-Fatiha in elke rakaah van elk soort gebed gereciteerd of gelezen hoort te worden.
Het reciteren van soera al-Fatiha wanneer je achter een Imaam bidtSommige mensen twijfelen of ze al dan niet soerah al-Fatihah horen te lezen wanneer ze het gezamenlijke gebed verrichten. Maar hierover hoeft helemaal geen twijfel te bestaan, want de volgende ahadieth stellen dat heel duidelijk vast.1. ‘Oebaadah ibn Shaamit (moge Alah tevreden met hem zijn) vertelde: ‘We stonden achter de Profeet (v.z.m.h.) tijdens het Fadjr-gebed en hij reciteerde een stuk van de Qoer-aan, maar de recitatie werd moeilijk voor hem. Toen hij klaar was, zei hij: “Reciteren jullie achter jullie Imaam?” We antwoordden “Ja, Boodschapper van Allah.” Toen zei de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.): “Reciteer niets als jullie achter de Imaam bidden, behalve soerah al-Fatiha; omdat het gebed van degene, die het niet (in zijn gebed) opzegt, ongeldig is.” (Aboe Dawoed, At-Tirmidzi)2. Aboe Hoerairah (v.z.m.h.) vertelde, dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “Als iemand bidt en daarin de Moeder van de Qoer-aan (soerah Al-Faatihah) niet leest, dan is dat ongeldig, dan is dat onvolledig, dan is dat onvolledig en niet compleet.” Aan Aboe Hoerairah (moge Alah tevreden met hem zijn) werd gevraagd: “Wat moeten we doen als we achter een Imaam bidden?” Hij (Aboe Hoerairah r.a.) antwoordde: “Lees het zachtjes...” (Moeslim)
‘Amien’Het is soennah, om ‘Amien’ te zeggen wanneer je klaar bent met het lezen van soera al-Faatiha. Als je alleen bidt, zeg je zachtjes ‘Amien’ en als je een gezamenlijk gebed bidt achter een Imaam, dan zeg je ‘Amien’ uit volle borst, nadat de Imaam het laatste vers van soera al-Fatiha heeft gezegd. Als er ‘Amien’ wordt gezegd, dan horen alle stemmen gezamenlijk te klinken, op hetzelfde moment.Er zijn veel ahadiets, die bewijzen dat het zeggen van ‘Amien’ hardop, een soennah van de heilige Profeet (v.z.m.h.) is en de gewoonte van de metgezellen. We zullen hier enkele van deze ahadith noemen.1. Na’iem al Moedjammar vertelde: “Ik bad achter Aboe Hoerairah (moge Alah tevreden met hem zijn). Hij reciteerde ‘Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem’, toen reciteerde hij soerah al-Faatihah en toen hij bij ‘waladh-dhaallien’ was, zei hij daarna ‘Amien’ en de mensen achter hem zeiden ‘Amien’.” (Boekharie)2. Aboe Hoerairah (moge Alah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “Als de Imaam zegt ‘ghairil-maghdoebi ‘alaihim waladh-dhaallien’ moeten jullie allemaal ‘Amien’ zeggen, omdat de engelen ‘Amien’ zeggen en de Imaam ‘Amien’ zegt. En wie ‘Amien’ zegt en zijn stem klinkt samen met die van de engelen, daarvan zullen zijn zonden hem vergeven worden’. (Ahmad, Aboe Dawoed, An-Nasaa’i)3. ‘Aaisjah (moge Alah tevreden met haar zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “De joden zijn vanwege twee zaken heel jaloers op de moslims, (a) dat wij iemand met ‘As-salaamoe ‘alaikoem’ begroeten en (b) dat wij (hardop) ‘Amien’ zeggen achter de Imaam.” (Ahmad, Ibn Maadjah)4. ‘Athaa vertelde: “Ik trof 200 metgezellen aan, biddend in de moskee van de Profeet (v.z.m.h.) en toen de Imaam zei ‘wa ladh-dhaallien’, hoorde ik de echo van hun stemmen nagalmen met ‘Amien’.
De recitatie na soerah Al-FatihaHet is soennah om, in de eerste twee raka’aat van het verplichte gebed, na soerah al-Fatiha een soerah uit de Qoer-aan te lezen. Je kunt één of meer soerah’s (hoofdstukken) reciteren. Hier zijn enkele korte soerah’s die je kunt reciteren.
Heilige Koran Soerah 112 Al-Ikhlaash
Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem
In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Qoel hoewallaahoe ahad
Zeg: “Hij is Allah, de Enige
Allaahoesh-shamad
Allah is de enigste van Wie al het geschapene afhankelijk is
Lam jalid wa lam joelad
Hij verwekt niet noch is verwekt
Wa lam jakoel-lahoe koefoewan ahad
En er is niemand die met Hem te vergelijken is
Heilige Koran Soerah 113 Al-Falaq
Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem
In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Qoel a’oedzoe bi-Rabbil-falaq
Zeg: “Ik zoek mijn toevlucht bij de Heer van de dageraad
Min sjarri maa khalaq
Tegen het kwaad wat Hij geschapen heeft
Wa min sjarri ghaasiqin idzaa waqab
En tegen het kwaad van de duisternis en wat met deze duisternis komt
Wa min sjarrin-naffaatsaati fiel-‘oeqad
En tegen het kwaad van degenen die op knopen blazen
Wa min sjarri haasidin idzaa hasad
En tegen het kwaad van de jaloerse wanneer hij jaloers is
Heilige Koran Soerah 113 An-Naas
Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem
In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Qoel a’oedzoe bi-Rabbinnaas
Zeg: “Ik zoek mijn toevlucht bij de Heer der mensheid
Maliki-n-naas
de Koning der mensheid
Ilaahinnaas
de God der mensheid
Min sjarril-waswaasil-khannaas
Tegen het kwaad van de influisteraar
Alladzie joewaswisoe fie soedoerin-naas
Die in de borsten van de mensheid influistert
Minal-djinnati wannaas
van onder de djinns en de mensen
Vervolgens zeg je in het gebed ‘Allaahoe Akbar’, waarbij je beide handen boven schouderhoogte opheft, met de handpalmen naar buiten gericht en de vingers gestrekt tegen de oorschelpen.
De roekoe’ (buigstand)
Dan buig je voorover tot roekoe-stand; dat is met je bovenlijf horizontaal naar voren gebogen, met rechte rug.De handen steunen dan op de knieën met de vingers gespreid. De armen raken het lichaam niet. Je hoort rustig en stevig in deze roekoe’-houding te staan en je niet te haasten.
Dan zeg je zachtjes minstens drie maal:
Soebhaana Rabbijal-‘adziem
Glorie is voor mijn Heer, de Allergrootste
Je kunt het drie, vijf, zeven, negen, elf (etc.) keer zeggen. Er zijn enkele andere doea's (smeekbedes) die nu hier gezegd kunnen worden, nadat je minstens drie maal ‘soebhaana rabbijal-‘adziem’ hebt gezegd.
Andere doe'a's in de roekoe’-stand:‘Aaisjah (moge Allah tevreden met haar zijn) vertelde, dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) in de roekoe’-stand meestal deze doe’a las:‘Soebhaanaka-Llaahoemma Rabbanaa wa bi-hamdika. Allaahoemmaghfirlie’.
‘Glorie is aan U, oh onze Heer en alle lof is aan U. Oh Allah, vergeef mij.’
‘Ali (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Profeet (v.z.m.h.) in de roekoe-stand gewoonlijk deze doe’a las:‘Allaahoemma laka raka’toe wa bika aamantoe wa laka aslamtoe. Anta Rabbie, khasji’a sam’ie wa basharie wa moekhkhie, wa ‘azdmie, wa ‘ashabie, wa mastaqallat bihie qadamajja Lillaahi Rabbil ‘aalamien
‘Oh mijn Heer, ik ben gebogen voor U en ik heb geloof in U en ik heb mij onderworpen aan U. U bent mijn Heer, mijn gehoor, mijn gezichtsvermogen, mijn hersenen, mijn botten, mijn pezen en alles wat door mijn voeten gedragen wordt is in overgave aan de Heer der werelden.’ (Moeslim, Ahmad, Aboe Dawoed)
Er zijn nog meer doe’a's die de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) in de roekoe’-stand las en je kunt ze in andere hadietsboeken vinden.
De juiste houding in de roekoe’ en de sadjdah (voorhoofd op de grond)Aboe Mas’oed al Badrie (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde, dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “Allah neemt het gebed van iemand die zijn rug niet recht houdt tijdens de roekoe’- en de sadjdah-houding niet aan.” (Ibn Khoezaimah, Ibn Hibban, At-Thabraanie)
Aboe Qataadah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “De slechtste dief is degene die van zijn gebed steelt.” Toen vroegen de metgezellen: “Hoe kan iemand van zijn gebed stelen?” De Profeet (v.z.m.h.) antwoordde: “Hij maakt de roekoe’ en de sadjda niet helemaal goed af.” Of hij zei: “Hij houdt zijn rug niet recht tijdens de roekoe’ en de sadjda.” (Ahmad, At-Thabraani, Ibn Khoezaimah, Haakim)
Deze hadith bewijzen dat de roekoe’ en de sadjdah in alle rust gemaakt horen te worden, langzaam en correct en anders is het gebed onvolledig.
De qawmah (rechtop staan)
Na een juiste roekoe’ richt je je hoofd uit de roekoe’ op en zegt:‘Sami ‘a-Llaahoe liman-hamidah.’‘Waarlijk Allah hoort degene die Hem prijst.’Dan hef je je handen boven schouderhoogte, de palmen naar buiten gericht en de vingers gestrekt naar de oorschelp. Daarna breng je je handen naar beneden, langs je zijde. In de staande positie hoor je helemaal rechtop te staan, zodat alle gewrichten van het lichaam weer op hun plaats komen. Terwijl je in deze positie staat, reciteer je één of alle volgende doe’a's zo vaak als je wenst.
Doe’a tijdens de qawmah Rabbanaa lakal-hamd‘Oh onze Heer, alle lof is voor U’
‘Rabbanaa lakal-hamdoe hamdan katsieran thajjiban moebaarakan fieh.’‘Oh onze Heer, alle lof is aan U, heel veel zuivere en gezegende lof is aan U.’
Aboe Sa’ied al-Goedrie (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat als de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei ‘Sami ‘a-Llaahoe liman-hamidah.’ hij daarna als volgt zei:Allaahoemma rabbanaa lakal-hamd mil-as-samaawaati wa mil-al-ardhi wa mil-a maa sji'ta min-sjai'in ba’doe. Ahlats-tsanaa'i wal-madjdi ahaqqoe maa qaalal ‘abdoe. Wa koelloenaa laka ‘abd: Allaahoemma laa maani’a limaa ‘a thaita. Wa laa moe’thija li-maa mana’ta. Wa laa janfa’oe dzal-djaddi minkal-djadd‘Oh Allah, onze Heer alle lof is voor U, zoveel als er de hemelen en de aarde mee gevuld kan worden en alles wat U er daarna ook mee wilt vullen. U bent het waard geprezen en geëerd te worden. U bent meer waard dan wat Uw dienaar heeft gezegd en wij zijn allemaal Uw slaven. Niemand kan tegengaan wat U wenst te geven en niemand kan geven wat U niet wenst te geven en iemand met een hoge stand kan zichzelf of een ander van zijn stand niet bevoordelen tegen Uw wil. (Moeslim, Ahmad, Aboe Dawoed)Er zijn nog andere doe’a's die in de qawmah-positie gezegd kunnen worden en ze zijn te vinden in andere hadietsboeken. De eerste sadjdah (buiging voorover op de grond).
Na de juiste qawmah beweeg je om de sadjda te maken, terwijl je zegt ‘Allaahoe Akbar’.Je legt je voorhoofd op de grond, doet de handpalmen naar beneden op de grond en naast het gezicht.De knieën komen op de grond.De vingers en de tenen horen naar de qiblah te wijzen, zonder dat de vingers van de handen gespreid zijn.Tijdens deze ‘prostratie’ (vooroverbuiging met het voorhoofd op de grond) horen zeven lichaamsdelen de grond te raken:1. het voorhoofd met het puntje van de neus;2. beide handen;3. beide knieën en4. de onderkant van de tenen van beide voeten.
In deze houding zeg je:
Soebhaana Rabbi-j-al-‘Alaa
Glorie is voor mijn Heer, de Allerhoogste
De andere doe’a's in de sadjdah-houding1. ‘Ali (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) gewoonlijk tijdens de sadjdah zei:Allaahoemma laka sadjadtoe. Wa bika aamantoe. Wa laka aslamtoe. Sadjada wadjhija lilladzie khalaqahoe. Wa shawwarahoe fa ahsana soewarahoe. Wa sjaqqa sam’ahoe wa basharahoe. Fatabaaraka-Llahoe ahsanoel-khaaliqien.
Oh Allah, voor U ben ik voorovergebogen en ik geloof in U en tot U heb ik mij overgegeven. Mijn voorhoofd ligt op de grond voor Hem, Die het geschapen heeft en er een vorm aan gegeven heeft en het perfekt heeft gemaakt. Daarna heeft Hij er de kracht aan gegeven om ermee te horen en te zien. En Allah’s naam zij gezegend, de Volmaakte Schepper. (Moeslim)
2. Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (s.a.w.) gewoonlijk in de sadjdah zei:Allaahoemmaghfirlie dzanbie koellahoe diqqahoe wa djillahoe wa awwalahoe wa aakhirahoe wa ‘alaanijjatahoe wa sirrahoe
‘Oh Allah, vergeef al mijn fouten, de kleine en de grote, die ik voorheen gemaakt heb, die ik nog zal maken, die ik openlijk maak en die ik in het verborgene maak.’ (Moeslim, Aboe Dawoed, Haakim)
Er zijn nog meer doe’a's die de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) in de sadjda zei, maar deze zijn te lang om hier te noemen. Ze zijn in de authentieke hadieth boeken te vinden, zoals Moeslim, Ahmad, An-Nasaa’i, Aboe Dawoed etc. Het is niet vreemd dat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) lang in de roekoe’ en in de sadjdah bleef staan/ zitten.Alle authentieke, betrouwbare doe’a's kunnen na ‘soebhaana Rabbijal-‘Alaa’ gezegd worden, ofwel alleen ofwel meerdere of alle doe'a's samen. Dit hangt af van iemands beschikbare tijd en de capaciteit. In de sadjdah-houding ben je het dichtst bij Allah. De sadjdah hoort rustig en zachtjes, zonder gejaagdheid gemaakt te worden en je maakt zoveel mogelijk doe’a's. (In het algemeen kunnen hier ook persoonlijke doe’a's gedaan worden, voor jezelf of anderen en voor alle moslims.)
De djalsah (het zitten tussen twee sadjdah’s)
Nadat je de sadjdah juist en in alle rust hebt verricht, hef je je hoofd op uit de sadjdah en zeg je ‘Allaahoe Akbar’. Je buigt dan je linkervoet en gaat er op zitten, terwijl je rechtervoet onder je rechtop staat, met de tenen richting de qiblah.Je handpalmen rusten op de dijen en knieën. De rug is recht, zodat de gewrichten op hun plaats zijn.
Het is soena om de volgende doe'a tijdens de djalsah te zeggen:
Allaahoemmaghfir-lie warhamnie wahdinie wa ‘aafanie warzoeqnie wadjboernie warfa’nie.
‘Oh Allah, vergeef mij en heb genade met mij en leidt mij op de rechte weg en geef mij gezondheid en schenk mij toegestane (halaal) middelen van bestaan en vul mijn tekortkomingen aan en maak mijn positie verheven.’
Deze doe’a kun je één keer zeggen of zoveel malen als je wilt.
De tweede sadjdahDan maak je de tweede sadjdah, waarbij je zegt ‘Allaahoe Akbar’ en waarbij je doet zoals je in de eerste sadjdah deed.
De djalsah-istiraahah (het zitten voor rust)Dan richt je je hoofd weer op zeggende ‘Allaahoe Akbar’ en je zit even zoals je in de djalsah zat. Dit doe je voordat je opstaat voor de tweede rakaah.
De tweede rakaatNadat je bent opgestaan voor de tweede rakaat vouw je je handen op je borst, zoals in de eerste rakaat. Je begint te reciteren met ‘Bismillaah.... en soerah al-Faatihah en daarna een ander deel of soerah van de Edele Qoer-aan.’ Dan maak je deze rakaat af zoals je de eerste rakaat hebt gemaakt.Als je een stuk of soerah van de Qoer-aan kiest om te reciteren in de tweede of andere rakaat, dan hoor je de volgorde van de Qoer-aan aan te houden. In de tweede rakaat lees je een vers of soerah die in de Qoer-aan komt na het vers of de soerah die je in de eerste rakaat las. Hierbij geldt dat de recitatie in de eerste rakaat langer of even lang moet zijn als de recitatie in de tweede rakaat.
De tasjahhoed
Nadat je de laatste sadjdah van de tweede rakaah hebt afgemaakt, hef je je hoofd weer op en zeg je: 'Allaahoe Akbar'.Je gaat dan zitten zoals je zat tussen de twee sadjdah's en je houdt je linkerhand op je linkerknie en je rechterhand op je rechterknie.Je spreidt je vingers, sluit de vuist van je rechterhand en steekt alleen je wijsvinger recht vooruit.Dan komt de duim langs de wijsvinger te liggen en steekt mee vooruit.
In deze houding zeg je de tasjahhoed, de getuigenis:
'At-tahijjaatoe li-Llaahi was-shalawaatoe wat-thajjibaatoe. As-salaamoe ‘alaika ajjoehan-nabijjoe wa rahmatoe-Llaahi wa barakaatoehoe. As-salaamoe ‘alainaa wa ‘alaa ‘ibaadi-Llaahish-shaalihien. Asjhadoe al-laa ilaaha illa-Llaahoe wa asjhadoe anna Moehammadan ‘Abdoehoe wa rasoeloeh.'
‘Alle groeten gebeden en aanbidding in woorden, daden en bezittingen zijn alleen voor Allah, Vrede zij met u, oh Profeet en de genade van Allah en Zijn zegeningen. Vrede zij met ons en met al de oprechte dienaren van Allah. Ik getuig dat er niets waard is om aanbeden te worden dan Allah en ik getuig dat Mohammed Zijn dienaar en boodschapper is. (Boekharie, Moeslim)
Terwijl je zegt ‘Asjhadoe ........‘abdoehoe wa rasoeloeh’ hef je je rechter wijsvinger een beetje op en als je klaar bent met deze woorden breng je je vinger weer terug naar beneden.Als je slechts twee rakaat bidt, ga je nu naar de volgende stap en dat is de 'shalaawah', (zie verderop in dit hoofdstuk).
Opstaan voor de derde rakatAls je drie of vier rakat bidt, dan sta je nu, na de tasjahhoed, op. Je zegt 'Allaahoe Akbar' en heft je handen op zoals bij de takbieratoel ihraam. Begin dan het reciteren met 'Bismillaahi.......en Soeratoel-Faatihah'. In de derde en vierde rakat van het verplichte (fardh)gebed moet je Soeratoel-Faatihah reciteren. Echter, je hoeft daarna geen andere verzen of hoofdstukken te reciteren. Als je echter een soennah of nafl-gebed bidt, mag je wel verzen of hoofdstukken na Soeratoel-Faatihah reciteren. Na het reciteren ga je door om de derde (of vierde) rakaah af te maken.Na het beëindigen van de laatste rakaah zit je tijdens de tasjahhoed op de manier, die hiervoor beschreven is (dus zoals na de twee eerste raka’aat). Nadat je tasjahhoed voor de laatste maal gezegd hebt zeg je 'shalaawah'. Dit is een doe'a waarin je glorie en zegeningen vraagt voor Profeet Mohammed (v.z.m.h.).
'Allaahoemma shallie ‘alaa Moehammadin wa ‘alaa aali Moehammadin kamaa shalaita ‘alaa Ibraahiema wa ‘alaa aali Ibraahiema Innaka hamiedoem-madjied.
‘Oh Allah, schenk Uw vrede aan Mohammed en de familie van Mohammed, zoals U Uw vrede hebt geschonken aan Ibraahiem en de familie van Ibraahiem. U bent waarlijk de Lofwaardige, De Glorievolle.’
Allaahoemma baarik ‘alaa Moehammadin wa ‘alaa aali Moehammadin Kamaa baarakta ‘alaa Ibraahiem wa ‘alaa aali Ibraahiem, Innaka hamiedoem-madjied.
Oh Allah, schenk Uw zegeningen aan Mohammed en aan de familie van Mohammed, zoals U Uw zegeningen hebt geschonken aan Ibraahiem en de familie van Ibraahiem. U bent waarlijk de Lofwaardige, de Glorievolle.
De doe’a's na de shalaawahEr zijn nogal wat doea's die de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) na de 'shalaawah' zei. Hij leerde ze aan zijn metgezellen. Hier noemen we er enkele van.
1. ‘Abdoellah ibn ‘Amr (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat Aboe Bakr (moge Allah tevreden met hem zijn) aan de Boodschapper van Allah vroeg: "Alstublieft, leert u mij een smeekbede die ik in mijn gebed kan zeggen.' De Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei:Zeg:
Allaahoemma innie zalamtoe nafsie zoelman katsieran Wa laa jaghfiroedz-dzoenoeba illaa anta faghfir lie maghfiratam-min ‘indika warhamnie Innaka antal-Ghafoeroer-Rahiem
O Allah, ik heb mezelf heel erg onrecht aangedaan (door mijn verplichting t.o.v. U niet na te komen) en er is niemand die de zonde kan vergeven behalve U. Vergeef mij dus want U bent de enige Vergever en heb genade met mij. Waarlijk U bent de Vergever en de Genadige (Al-Boekharie en Moeslim)
2. Sjaddaad ibn ‘Aws (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) gewend was om tijdens zijn gebed te zeggen:
Allaahoemma innie as-aloekats-tsabaata fil-amri wal-‘aziemati ‘alar-roesjdi Wa as-aloeka sjoekra ni’matika wa hoesna ‘ibaadatika. Wa as-aloeka qalban salieman, wa lisaanan shaadiqan. Wa as-aloeka min khairi maa ta’lamoe. Wa a’oedzoe bika min sjarri maa ta’lamoe. Wa astaghfiroeka limaa ta’lamoe
'Oh Allah, ik vraag U om standvastigheid in alle geloofszaken en een sterke wil om op de rechte weg te gaan. En ik vraag U om mij dankbaar te maken voor Uw rijke geschenken en geef mij het vermogen om U op de beste manier te aanbidden. En ik vraag U mijn hart oprecht te maken en mijn tong eerlijk. Ik vraag van U alles wat U weet dat goed is en ik vraag Uw bescherming tegen alles wat U weet dat slecht is. Ik vraag Uw vergeving voor al mijn fouten die U bekend zijn' (An-Nasaa’i)
3. ‘Aaisjah (moge Allah tevreden met haar zijn) vertelde dat Profeet Mohammed (v.z.m.h.) de volgende doea in zijn gebed zei:
Allaahoemma innie a’oedzoe bika min ‘adzaabil-qabri. Wa a’oedzoe bika min fitnatid-dadjdjaali. Wa a’oedzoe bika min fitnatil-mahjaa wal-mamaat. Allaahoemma innie a’oedzoe bika minal-ma' tsami wal-maghrami.
'Oh Allah, ik zoek mijn toevlucht bij U tegen de bestraffing in het graf en tegen de beproeving van de Dadjdjaal. En ik zoek mijn bescherming bij U tegen de beproeving van het leven en de dood. Oh Allah, ik zoek bescherming bij U tegen elke soort zonde en tegen onverwachte moeilijkheden.' (Al-Boekharie en Moeslim)
Rabbiedj ‘alnie moeqiemash-salaati wa min dzoerrijjatie rabbanaa wa taqabbal doe'a'i Rabbanaghfir lie wa li-waalidajja wa lil-moe'miniena jawma jaqoemoel-hisaab
'Oh Allah, laat mij en mijn kinderen altijd het gebed verrichten. Oh Allah, accepteer mijn smeekbede. Oh Allah, vergeef mij en mijn ouders en alle gelovigen op de Dag des Oordeels.'
Alhoewel veel moslims 'Rabbiedj ‘alnie…' (deze laatste doea) na de 'shalaawah' zeggen, is het toegestaan om elke mooie doe’a te zeggen. Maar men moet zich realiseren, dat deze (persoonlijke) doea niet tot de doe’a's behoorde, die de Profeet (v.z.m.h.) na de shalaawah zei. Daarom verdient het de voorkeur om zowel 'Rabbiedj’alnie…' als de betrouwbare, authentieke doe’a's van de Profeet (v.z.m.h.) en de doea's die hij aan zijn metgezellen leerde, te zeggen. We hebben er hier maar vier van de twaalf genoemd; het zou te ver gaan om ze hier allemaal te noemen.
De tasliem: de beëindiging van het gebedNadat je voor jezelf en de moslims zoveel hebt gesmeekt als je wilt, beëindig je je gebed met de tasliem (begroeting) en je zegt:
As-salaamoe ‘alaikoem wa rahmatoe-Llaah
Vrede zij met jullie en de genade van Allah
Je draait hierbij je gezicht helemaal naar rechts, terwijl je over je schouder kijkt.Dan zeg je deze zin nog een keer en draai je je hoofd helemaal naar links waarna je over je schouder kijkt.
Hiermee heb je de twee, drie of vier rakaat van het gebed beëindigd.
De doe’a'-s na de tasliem
“En verheerlijk (ook) Zijn lofprijzingen gedurende een deel van de nacht en (zo ook) na de gebeden.”(Heilige Koraan Qaaf: 40).
Er zijn veel doe'a's die Profeet Mohammed (v.z.m.h.) zei na de tasliem. Het is goed om te proberen ze uit je hoofd te leren om zo het voorbeeld van de Profeet (v.z.m.h.) te volgen. We zullen hier enkele van deze doe'a's noemen.Het was de vaste gewoonte van de Profeet (v.z.m.h.) om na het gebed te zeggen:
'Allaahoe AkbarAllah is de Grootste (Moeslim)
Astaghfiroellaah (3 maal) Ik vraag Allah om mij te vergeven (3 maal)
Allaahoemma antas-salaamoe wa minkas-salaamoe. Tabaarakta jaa dzal-djalaali wal-ikraam Oh Allah, U bent de vrede en van U komt de vrede U bent gezegend, oh Bezitter van Glorie en Eer. (Moeslim)
Allaahoemma a-‘innie ‘alaa dzikrika wa sjoekrika wa hoesni ‘ibaadatika.Oh Allah, help mij om U altijd te gedenken en om U te danken en om U op de beste manier te aanbidden. (Ahmad, Aboe Dawoed)
Laa ilaaha illa-laahoe wahdahoe laa sjarieka lah. Lahoel moelkoe wa lahoel-hamdoe wa hoewa ‘alaa koelli sjai'in qadier. Allaahoemma laa maani’a limaa a’thaita. wa laa moe’thija limaa mana’ta. wa laa janfa’oe dzal-djaddi minkal-djad.
Er is geen god dan Allah, Hij is de Ene en heeft geen gelijken, de Heerschappij en alle lof is alleen voor Hem en Hij heeft alle macht over alles. Oh Allah, niemand kan tegengaan wat U geven wilt en niemand kan geven wat U niet wenst te geven en niemand met een hoge positie kan zichzelf of een ander bevoordelen, zonder dat U het wilt. (Boekharie, Moeslim)
Het is soennah om 33 maal te zeggen
Soebhaanallaah‘Heilig is Allah’
Alhamdoelillaah (33 maal) ‘Alle lof is aan Allah’
Allaahoe Akbar (33 maal)‘Allah is de Grootste’
Er zijn heel veel doe'a's die Profeet Mohammed (v.z.m.h.) gewend was te zeggen en hij leerde ze aan zijn metgezellen. Ze zijn te vinden in de bekende hadietsboeken.
Home Forum Folders Wat is Islam Profeet Mohammad v.z.m.h. Ramadan Het gebed Arabische Woordenlijst
Shahada Trouwen Wonderen Koran KinderHoek IslamChat Downloads Links Moskee Ontdek Islam Winkel Donaties
Hoofdstuk 4 - De manier van Islamitisch bidden (shalaat)
Het volledige online salaat boek, alleen online te lezen bij ontdekislam.nl!
De soetrahVoordat je begint met het gebed, moet je iets vóór je plaatsen, vóór de plaats waarop je met het voorhoofd op de grond zal komen (in de ‘sadjdah’-houding). Zo’n voorwerp heet ‘soetrah’ en wordt gebruikt wanneer je alleen bidt. Iemand anders die dan vóór je langs wil lopen, kan dat, als hij maar aan de buitenkant van de soetrah blijft. Als je in een groep bidt, dan is de Imaam (voorganger in het gebed) je soetrah. De Imaam hoort dan wel een eigen soetrah vóór zich te hebben.
De qiblahAls je gaat bidden moet je je, waar je je ook maar bevindt, richten naar de Kabah. De Kabah is het zwart beklede vierkante gebouw in de gewijde moskee van Mekka, in Saoedi-Arabië (in Nederland richt je je ongeveer naar het zuidoosten). De richting naar de qiblah is een uiterst belangrijke voorwaarde bij het bidden. Als je je echter op een plaats bevindt, zoals een woestijn, jungle of een onbekende stad en je kent er de richting van de qiblah niet, dan moet je je best doen om de juiste richting te vragen aan anderen. Wanneer dit ook onmogelijk is, kies dan met je gezond verstand de richting waarvan je denkt dat het de qiblah is en Allah zal, als Hij wil, je gebed aanvaarden.Het is belangrijk dat je (voor de aanvang van het gebed) de richting van de qiblah aanneemt, maar het is geen probleem wanneer de richting tijdens het gebed verandert, zoals gebeurt wanneer je op een schip, in een trein of in een vliegtuig bidt.Tegenwoordig bestaan er kompassen die speciaal zijn gemaakt om de richting van de qiblah aan te geven. Dit is een handig middel wanneer je je op een vreemde plek of in het vliegtuig bevindt.
De intentieNadat je in de richting van de qiblah bent gaan staan, maak je de ‘nijjah’ (intentie). Je maakt de intentie in je gedachten: je neemt je dus voor dat je een bepaald verplicht, soennah of nafl-gebed gaat bidden. Je mag de nijjah nooit hardop zeggen, want de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) heeft dat nooit gedaan en heeft dat ook niet goedgekeurd.De takbieratoel ihraam
Na de nijah begin je het gebed met het zeggen van: 'Allaahoe Akbar' (Allah is de Allergrootste), terwijl je beide handen boven schouderhoogte brengt, met je vingers uitgestrekt naar de oorschelpen.
Dan vouw je je handen op je borst, de rechterhand op de linker.
Deze allereerste ‘Allaahoe Akbar’ heet de takbieratoel ihraam (de Allaahoe Akbar met het verbod), omdat hiermee het gebed begint en vanaf dit moment alle gewone en wereldse daden, spraak en bewegingen verboden zijn.
Tijdens het hele gebed richt je je ogen op het punt waar je je voorhoofd op de grond zal leggen in de sadjdah-houding.
Hoe plaats je je handen na de takbieratoel ihraam?
Sommige mensen plaatsen hun handen onder hun navel, anderen onder hun borst, en andere verklaren dat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) gewoonlijk zijn handen op zijn borst hield. Enkele van deze ahadiets hebben we verzameld.
1. Halb At-Thaa-ie (moge Alah tevreden met hem zijn) vertelde: “Ik zag Allah’s Boodschapper (vrede zij met hem) op zijn borst zijn rechterhand over zijn linkerhand leggen.” (Ahmad, At-Tirmidzi)2. Waa’il ibn Hoedjr (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: “Ik bad met de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) en hij legde op zijn borst zijn rechterhand over zijn linkerhand.” (Moeslim)Er zijn ook andere verhalen waarin gezegd wordt, dat enkele fiqh-geleerden (islamitische wetsgeleerden) gewoonlijk hun handen onder hun borst maar boven hun navel hielden. Het is juist om je handen op één van deze plaatsen te houden, maar het is beter om volgens de gewoonte van de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) de handen op de borst te houden (zie bovenstaande authentieke ahadiets).
De recitatie voorafgaand aan soerah Al-FaatihahEr zijn meerdere doe'a's (smeekbeden) die de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) gewoonlijk reciteerde vóór soera Al-Faatihah. Hier volgen er twee van:
‘Allaahoemma baa’id bainie wa baina khathaajaaja kamaa baa’adta bainal-masjriqi wal-maghrib, Allaahoemma naqqinie min khathaajaaja kamaa joenaqqats-tsawboel-abjadhoe minad-danas, Allaahoemmaghsilnie min khathaajaaja bil-maa'i wats-tsaldji wal-barad’
"Oh Allah, verwijder mij van mijn zonden zoals U het oosten en het westen van elkaar verwijderd hebt, oh Allah, maak mij schoon van mijn zonden zoals een wit kledingstuk van vuil is gereinigd na grondig wassen, oh Allah, was mijn zonden van mij weg met water, sneeuw en hagel.” (Boekharie en Moeslim)
Als je de juist genoemde doe'a niet kent, dan hoor je het volgende te lezen:
Van Oemar is overgeleverd dat de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) de volgende doe'a zei na de takbieratoel ihraam:
“Soebhaanak-Allaahoemma wa bi-hamdika, wa tabaarakas-moeka wa ta’aala djaddoeka wa laa ilaaha ghairoeka”
‘Heilig bent U, oh Allah en alle lof en glorie behoort U en gezegend is Uw naam en verheven Uw majesteit en niemand is waard aanbeden te worden behalve U.’
Je kunt ofwel beide doe'a's reciteren of één van deze of een andere door de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) goedgekeurde doe'a en er zijn er ongeveer zeven. Deze doe’a's kun je vinden op verschillende plaatsen in de hadiets-boeken, namelijk van Moeslim, At-Tirmidzi, Moesnad Imaam Ahmad, Aboe Dawoed, Ad-Daaroe-qoethni, An-Nasaa’i, Ibn Maadjah, Ibn Hibban, Moewaththah Imam Maalik.Je kunt ook al deze zeven doe’a's samen reciteren voorafgaande aan soerah Al-Faatihah.Deze recitatie wordt de ‘doe’a-oel-istiftaah’ genoemd, wat betekent ‘openingsdoe’a. Je hoort deze alleen te reciteren in de eerste rakaat (d.w.z. na de eerste keer Allaahoe Akbar).
De ta’aawoedzDan zeg je:
A‘oedzoe bi-Llaahi minasj-sjaithaanir-radjiem
Ik zoek mijn toevlucht bij Allah tegen de vervloekte duivel
Dit hoor je alleen in de eerste rakaat te zeggen.
Soera Al-Faatihah (De Opening)Dan reciteer je de "Openingssoerah", in het Arabisch: ‘Soeratoel-Faatihah’:
Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem.
In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Al-hamdoe li-Llaahi Rabbil ‘aalamien
Alle lof en dank is aan Allah de Heer van de wereldwezens
Ar-Rahmaanir-Rahiem
De Barmhartige, de Genadevolle
Maaliki jawmiddien
De Enige Eigenaar van de Dag des Oordeels
Ijjaaka na’ boedoe wa ijjaaka nasta’ien
U alleen aanbidden wij en U alleen vragen wij om hulp
Ihdinash-shiraathal-moestaqiem
Leidt ons op het rechte pad
Shiraathal-ladziena an’amta ‘alaihim
Het pad van degenen die Uw gunsten hebben gekregen
Ghairil-maghdoebi ‘alaihim wa ladh-dhaallien
niet van degenen die Uw woede hebben gewekt of van degenen die dwalen
Amien
Amien
Het reciteren van soerah al-Faatihah is noodzakelijk. De Profeet Mohammed (v.z.m.h.) zei, dat geen enkel gebed geldig is als soera al-Faatihah er niet in gereciteerd is.a) ‘Oebaadah ibn Shaamit (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde dat de Profeet Mohammed (vrede en zegeningen zij met hem) zei: ‘Geen enkel gebed is aanvaardbaar zonder dat soerah al-Faatihah erin gereciteerd is.’ (Boekharie, Moeslim, Ahmad, Aboe Dawoed, At-Tirmidzi, An-Nasaa’i, Ibn Maadjah)b) Aboe Hoerairah (moge Alah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Profeet Mohammed (vrede en zegeningen zij met hem) zei, dat wanneer iemand welk gebed dan ook bidt, terwijl hij daarin de Moeder van de Qoer-aan, of zoals in een andere hadietsversie de Opening van het Boek (dit is soera Al-Faatihah) niet leest, zijn gebed onvolledig is, het gebed onvolledig is, het gebed onvolledig is. (Boekharie, Moeslim, Ahmad)c) Aboe Hoerairah (vertelde) dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei: ‘Geen gebed zal goed voor iemand zijn wanneer hij er soerah al-Faatihah niet in leest.’ (Ibn Khoezaimah, Ibn Hibban, Ahmad)Uit bovenstaande ahadiets leren we dat soerah al-Fatiha in elke rakaah van elk soort gebed gereciteerd of gelezen hoort te worden.
Het reciteren van soera al-Fatiha wanneer je achter een Imaam bidtSommige mensen twijfelen of ze al dan niet soerah al-Fatihah horen te lezen wanneer ze het gezamenlijke gebed verrichten. Maar hierover hoeft helemaal geen twijfel te bestaan, want de volgende ahadieth stellen dat heel duidelijk vast.1. ‘Oebaadah ibn Shaamit (moge Alah tevreden met hem zijn) vertelde: ‘We stonden achter de Profeet (v.z.m.h.) tijdens het Fadjr-gebed en hij reciteerde een stuk van de Qoer-aan, maar de recitatie werd moeilijk voor hem. Toen hij klaar was, zei hij: “Reciteren jullie achter jullie Imaam?” We antwoordden “Ja, Boodschapper van Allah.” Toen zei de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.): “Reciteer niets als jullie achter de Imaam bidden, behalve soerah al-Fatiha; omdat het gebed van degene, die het niet (in zijn gebed) opzegt, ongeldig is.” (Aboe Dawoed, At-Tirmidzi)2. Aboe Hoerairah (v.z.m.h.) vertelde, dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “Als iemand bidt en daarin de Moeder van de Qoer-aan (soerah Al-Faatihah) niet leest, dan is dat ongeldig, dan is dat onvolledig, dan is dat onvolledig en niet compleet.” Aan Aboe Hoerairah (moge Alah tevreden met hem zijn) werd gevraagd: “Wat moeten we doen als we achter een Imaam bidden?” Hij (Aboe Hoerairah r.a.) antwoordde: “Lees het zachtjes...” (Moeslim)
‘Amien’Het is soennah, om ‘Amien’ te zeggen wanneer je klaar bent met het lezen van soera al-Faatiha. Als je alleen bidt, zeg je zachtjes ‘Amien’ en als je een gezamenlijk gebed bidt achter een Imaam, dan zeg je ‘Amien’ uit volle borst, nadat de Imaam het laatste vers van soera al-Fatiha heeft gezegd. Als er ‘Amien’ wordt gezegd, dan horen alle stemmen gezamenlijk te klinken, op hetzelfde moment.Er zijn veel ahadiets, die bewijzen dat het zeggen van ‘Amien’ hardop, een soennah van de heilige Profeet (v.z.m.h.) is en de gewoonte van de metgezellen. We zullen hier enkele van deze ahadith noemen.1. Na’iem al Moedjammar vertelde: “Ik bad achter Aboe Hoerairah (moge Alah tevreden met hem zijn). Hij reciteerde ‘Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem’, toen reciteerde hij soerah al-Faatihah en toen hij bij ‘waladh-dhaallien’ was, zei hij daarna ‘Amien’ en de mensen achter hem zeiden ‘Amien’.” (Boekharie)2. Aboe Hoerairah (moge Alah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “Als de Imaam zegt ‘ghairil-maghdoebi ‘alaihim waladh-dhaallien’ moeten jullie allemaal ‘Amien’ zeggen, omdat de engelen ‘Amien’ zeggen en de Imaam ‘Amien’ zegt. En wie ‘Amien’ zegt en zijn stem klinkt samen met die van de engelen, daarvan zullen zijn zonden hem vergeven worden’. (Ahmad, Aboe Dawoed, An-Nasaa’i)3. ‘Aaisjah (moge Alah tevreden met haar zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “De joden zijn vanwege twee zaken heel jaloers op de moslims, (a) dat wij iemand met ‘As-salaamoe ‘alaikoem’ begroeten en (b) dat wij (hardop) ‘Amien’ zeggen achter de Imaam.” (Ahmad, Ibn Maadjah)4. ‘Athaa vertelde: “Ik trof 200 metgezellen aan, biddend in de moskee van de Profeet (v.z.m.h.) en toen de Imaam zei ‘wa ladh-dhaallien’, hoorde ik de echo van hun stemmen nagalmen met ‘Amien’.
De recitatie na soerah Al-FatihaHet is soennah om, in de eerste twee raka’aat van het verplichte gebed, na soerah al-Fatiha een soerah uit de Qoer-aan te lezen. Je kunt één of meer soerah’s (hoofdstukken) reciteren. Hier zijn enkele korte soerah’s die je kunt reciteren.
Heilige Koran Soerah 112 Al-Ikhlaash
Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem
In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Qoel hoewallaahoe ahad
Zeg: “Hij is Allah, de Enige
Allaahoesh-shamad
Allah is de enigste van Wie al het geschapene afhankelijk is
Lam jalid wa lam joelad
Hij verwekt niet noch is verwekt
Wa lam jakoel-lahoe koefoewan ahad
En er is niemand die met Hem te vergelijken is
Heilige Koran Soerah 113 Al-Falaq
Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem
In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Qoel a’oedzoe bi-Rabbil-falaq
Zeg: “Ik zoek mijn toevlucht bij de Heer van de dageraad
Min sjarri maa khalaq
Tegen het kwaad wat Hij geschapen heeft
Wa min sjarri ghaasiqin idzaa waqab
En tegen het kwaad van de duisternis en wat met deze duisternis komt
Wa min sjarrin-naffaatsaati fiel-‘oeqad
En tegen het kwaad van degenen die op knopen blazen
Wa min sjarri haasidin idzaa hasad
En tegen het kwaad van de jaloerse wanneer hij jaloers is
Heilige Koran Soerah 113 An-Naas
Bismillaahir-Rahmaanir-Rahiem
In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle
Qoel a’oedzoe bi-Rabbinnaas
Zeg: “Ik zoek mijn toevlucht bij de Heer der mensheid
Maliki-n-naas
de Koning der mensheid
Ilaahinnaas
de God der mensheid
Min sjarril-waswaasil-khannaas
Tegen het kwaad van de influisteraar
Alladzie joewaswisoe fie soedoerin-naas
Die in de borsten van de mensheid influistert
Minal-djinnati wannaas
van onder de djinns en de mensen
Vervolgens zeg je in het gebed ‘Allaahoe Akbar’, waarbij je beide handen boven schouderhoogte opheft, met de handpalmen naar buiten gericht en de vingers gestrekt tegen de oorschelpen.
De roekoe’ (buigstand)
Dan buig je voorover tot roekoe-stand; dat is met je bovenlijf horizontaal naar voren gebogen, met rechte rug.De handen steunen dan op de knieën met de vingers gespreid. De armen raken het lichaam niet. Je hoort rustig en stevig in deze roekoe’-houding te staan en je niet te haasten.
Dan zeg je zachtjes minstens drie maal:
Soebhaana Rabbijal-‘adziem
Glorie is voor mijn Heer, de Allergrootste
Je kunt het drie, vijf, zeven, negen, elf (etc.) keer zeggen. Er zijn enkele andere doea's (smeekbedes) die nu hier gezegd kunnen worden, nadat je minstens drie maal ‘soebhaana rabbijal-‘adziem’ hebt gezegd.
Andere doe'a's in de roekoe’-stand:‘Aaisjah (moge Allah tevreden met haar zijn) vertelde, dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) in de roekoe’-stand meestal deze doe’a las:‘Soebhaanaka-Llaahoemma Rabbanaa wa bi-hamdika. Allaahoemmaghfirlie’.
‘Glorie is aan U, oh onze Heer en alle lof is aan U. Oh Allah, vergeef mij.’
‘Ali (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Profeet (v.z.m.h.) in de roekoe-stand gewoonlijk deze doe’a las:‘Allaahoemma laka raka’toe wa bika aamantoe wa laka aslamtoe. Anta Rabbie, khasji’a sam’ie wa basharie wa moekhkhie, wa ‘azdmie, wa ‘ashabie, wa mastaqallat bihie qadamajja Lillaahi Rabbil ‘aalamien
‘Oh mijn Heer, ik ben gebogen voor U en ik heb geloof in U en ik heb mij onderworpen aan U. U bent mijn Heer, mijn gehoor, mijn gezichtsvermogen, mijn hersenen, mijn botten, mijn pezen en alles wat door mijn voeten gedragen wordt is in overgave aan de Heer der werelden.’ (Moeslim, Ahmad, Aboe Dawoed)
Er zijn nog meer doe’a's die de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) in de roekoe’-stand las en je kunt ze in andere hadietsboeken vinden.
De juiste houding in de roekoe’ en de sadjdah (voorhoofd op de grond)Aboe Mas’oed al Badrie (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde, dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “Allah neemt het gebed van iemand die zijn rug niet recht houdt tijdens de roekoe’- en de sadjdah-houding niet aan.” (Ibn Khoezaimah, Ibn Hibban, At-Thabraanie)
Aboe Qataadah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “De slechtste dief is degene die van zijn gebed steelt.” Toen vroegen de metgezellen: “Hoe kan iemand van zijn gebed stelen?” De Profeet (v.z.m.h.) antwoordde: “Hij maakt de roekoe’ en de sadjda niet helemaal goed af.” Of hij zei: “Hij houdt zijn rug niet recht tijdens de roekoe’ en de sadjda.” (Ahmad, At-Thabraani, Ibn Khoezaimah, Haakim)
Deze hadith bewijzen dat de roekoe’ en de sadjdah in alle rust gemaakt horen te worden, langzaam en correct en anders is het gebed onvolledig.
De qawmah (rechtop staan)
Na een juiste roekoe’ richt je je hoofd uit de roekoe’ op en zegt:‘Sami ‘a-Llaahoe liman-hamidah.’‘Waarlijk Allah hoort degene die Hem prijst.’Dan hef je je handen boven schouderhoogte, de palmen naar buiten gericht en de vingers gestrekt naar de oorschelp. Daarna breng je je handen naar beneden, langs je zijde. In de staande positie hoor je helemaal rechtop te staan, zodat alle gewrichten van het lichaam weer op hun plaats komen. Terwijl je in deze positie staat, reciteer je één of alle volgende doe’a's zo vaak als je wenst.
Doe’a tijdens de qawmah Rabbanaa lakal-hamd‘Oh onze Heer, alle lof is voor U’
‘Rabbanaa lakal-hamdoe hamdan katsieran thajjiban moebaarakan fieh.’‘Oh onze Heer, alle lof is aan U, heel veel zuivere en gezegende lof is aan U.’
Aboe Sa’ied al-Goedrie (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat als de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei ‘Sami ‘a-Llaahoe liman-hamidah.’ hij daarna als volgt zei:Allaahoemma rabbanaa lakal-hamd mil-as-samaawaati wa mil-al-ardhi wa mil-a maa sji'ta min-sjai'in ba’doe. Ahlats-tsanaa'i wal-madjdi ahaqqoe maa qaalal ‘abdoe. Wa koelloenaa laka ‘abd: Allaahoemma laa maani’a limaa ‘a thaita. Wa laa moe’thija li-maa mana’ta. Wa laa janfa’oe dzal-djaddi minkal-djadd‘Oh Allah, onze Heer alle lof is voor U, zoveel als er de hemelen en de aarde mee gevuld kan worden en alles wat U er daarna ook mee wilt vullen. U bent het waard geprezen en geëerd te worden. U bent meer waard dan wat Uw dienaar heeft gezegd en wij zijn allemaal Uw slaven. Niemand kan tegengaan wat U wenst te geven en niemand kan geven wat U niet wenst te geven en iemand met een hoge stand kan zichzelf of een ander van zijn stand niet bevoordelen tegen Uw wil. (Moeslim, Ahmad, Aboe Dawoed)Er zijn nog andere doe’a's die in de qawmah-positie gezegd kunnen worden en ze zijn te vinden in andere hadietsboeken. De eerste sadjdah (buiging voorover op de grond).
Na de juiste qawmah beweeg je om de sadjda te maken, terwijl je zegt ‘Allaahoe Akbar’.Je legt je voorhoofd op de grond, doet de handpalmen naar beneden op de grond en naast het gezicht.De knieën komen op de grond.De vingers en de tenen horen naar de qiblah te wijzen, zonder dat de vingers van de handen gespreid zijn.Tijdens deze ‘prostratie’ (vooroverbuiging met het voorhoofd op de grond) horen zeven lichaamsdelen de grond te raken:1. het voorhoofd met het puntje van de neus;2. beide handen;3. beide knieën en4. de onderkant van de tenen van beide voeten.
In deze houding zeg je:
Soebhaana Rabbi-j-al-‘Alaa
Glorie is voor mijn Heer, de Allerhoogste
De andere doe’a's in de sadjdah-houding1. ‘Ali (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) gewoonlijk tijdens de sadjdah zei:Allaahoemma laka sadjadtoe. Wa bika aamantoe. Wa laka aslamtoe. Sadjada wadjhija lilladzie khalaqahoe. Wa shawwarahoe fa ahsana soewarahoe. Wa sjaqqa sam’ahoe wa basharahoe. Fatabaaraka-Llahoe ahsanoel-khaaliqien.
Oh Allah, voor U ben ik voorovergebogen en ik geloof in U en tot U heb ik mij overgegeven. Mijn voorhoofd ligt op de grond voor Hem, Die het geschapen heeft en er een vorm aan gegeven heeft en het perfekt heeft gemaakt. Daarna heeft Hij er de kracht aan gegeven om ermee te horen en te zien. En Allah’s naam zij gezegend, de Volmaakte Schepper. (Moeslim)
2. Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (s.a.w.) gewoonlijk in de sadjdah zei:Allaahoemmaghfirlie dzanbie koellahoe diqqahoe wa djillahoe wa awwalahoe wa aakhirahoe wa ‘alaanijjatahoe wa sirrahoe
‘Oh Allah, vergeef al mijn fouten, de kleine en de grote, die ik voorheen gemaakt heb, die ik nog zal maken, die ik openlijk maak en die ik in het verborgene maak.’ (Moeslim, Aboe Dawoed, Haakim)
Er zijn nog meer doe’a's die de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) in de sadjda zei, maar deze zijn te lang om hier te noemen. Ze zijn in de authentieke hadieth boeken te vinden, zoals Moeslim, Ahmad, An-Nasaa’i, Aboe Dawoed etc. Het is niet vreemd dat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) lang in de roekoe’ en in de sadjdah bleef staan/ zitten.Alle authentieke, betrouwbare doe’a's kunnen na ‘soebhaana Rabbijal-‘Alaa’ gezegd worden, ofwel alleen ofwel meerdere of alle doe'a's samen. Dit hangt af van iemands beschikbare tijd en de capaciteit. In de sadjdah-houding ben je het dichtst bij Allah. De sadjdah hoort rustig en zachtjes, zonder gejaagdheid gemaakt te worden en je maakt zoveel mogelijk doe’a's. (In het algemeen kunnen hier ook persoonlijke doe’a's gedaan worden, voor jezelf of anderen en voor alle moslims.)
De djalsah (het zitten tussen twee sadjdah’s)
Nadat je de sadjdah juist en in alle rust hebt verricht, hef je je hoofd op uit de sadjdah en zeg je ‘Allaahoe Akbar’. Je buigt dan je linkervoet en gaat er op zitten, terwijl je rechtervoet onder je rechtop staat, met de tenen richting de qiblah.Je handpalmen rusten op de dijen en knieën. De rug is recht, zodat de gewrichten op hun plaats zijn.
Het is soena om de volgende doe'a tijdens de djalsah te zeggen:
Allaahoemmaghfir-lie warhamnie wahdinie wa ‘aafanie warzoeqnie wadjboernie warfa’nie.
‘Oh Allah, vergeef mij en heb genade met mij en leidt mij op de rechte weg en geef mij gezondheid en schenk mij toegestane (halaal) middelen van bestaan en vul mijn tekortkomingen aan en maak mijn positie verheven.’
Deze doe’a kun je één keer zeggen of zoveel malen als je wilt.
De tweede sadjdahDan maak je de tweede sadjdah, waarbij je zegt ‘Allaahoe Akbar’ en waarbij je doet zoals je in de eerste sadjdah deed.
De djalsah-istiraahah (het zitten voor rust)Dan richt je je hoofd weer op zeggende ‘Allaahoe Akbar’ en je zit even zoals je in de djalsah zat. Dit doe je voordat je opstaat voor de tweede rakaah.
De tweede rakaatNadat je bent opgestaan voor de tweede rakaat vouw je je handen op je borst, zoals in de eerste rakaat. Je begint te reciteren met ‘Bismillaah.... en soerah al-Faatihah en daarna een ander deel of soerah van de Edele Qoer-aan.’ Dan maak je deze rakaat af zoals je de eerste rakaat hebt gemaakt.Als je een stuk of soerah van de Qoer-aan kiest om te reciteren in de tweede of andere rakaat, dan hoor je de volgorde van de Qoer-aan aan te houden. In de tweede rakaat lees je een vers of soerah die in de Qoer-aan komt na het vers of de soerah die je in de eerste rakaat las. Hierbij geldt dat de recitatie in de eerste rakaat langer of even lang moet zijn als de recitatie in de tweede rakaat.
De tasjahhoed
Nadat je de laatste sadjdah van de tweede rakaah hebt afgemaakt, hef je je hoofd weer op en zeg je: 'Allaahoe Akbar'.Je gaat dan zitten zoals je zat tussen de twee sadjdah's en je houdt je linkerhand op je linkerknie en je rechterhand op je rechterknie.Je spreidt je vingers, sluit de vuist van je rechterhand en steekt alleen je wijsvinger recht vooruit.Dan komt de duim langs de wijsvinger te liggen en steekt mee vooruit.
In deze houding zeg je de tasjahhoed, de getuigenis:
'At-tahijjaatoe li-Llaahi was-shalawaatoe wat-thajjibaatoe. As-salaamoe ‘alaika ajjoehan-nabijjoe wa rahmatoe-Llaahi wa barakaatoehoe. As-salaamoe ‘alainaa wa ‘alaa ‘ibaadi-Llaahish-shaalihien. Asjhadoe al-laa ilaaha illa-Llaahoe wa asjhadoe anna Moehammadan ‘Abdoehoe wa rasoeloeh.'
‘Alle groeten gebeden en aanbidding in woorden, daden en bezittingen zijn alleen voor Allah, Vrede zij met u, oh Profeet en de genade van Allah en Zijn zegeningen. Vrede zij met ons en met al de oprechte dienaren van Allah. Ik getuig dat er niets waard is om aanbeden te worden dan Allah en ik getuig dat Mohammed Zijn dienaar en boodschapper is. (Boekharie, Moeslim)
Terwijl je zegt ‘Asjhadoe ........‘abdoehoe wa rasoeloeh’ hef je je rechter wijsvinger een beetje op en als je klaar bent met deze woorden breng je je vinger weer terug naar beneden.Als je slechts twee rakaat bidt, ga je nu naar de volgende stap en dat is de 'shalaawah', (zie verderop in dit hoofdstuk).
Opstaan voor de derde rakatAls je drie of vier rakat bidt, dan sta je nu, na de tasjahhoed, op. Je zegt 'Allaahoe Akbar' en heft je handen op zoals bij de takbieratoel ihraam. Begin dan het reciteren met 'Bismillaahi.......en Soeratoel-Faatihah'. In de derde en vierde rakat van het verplichte (fardh)gebed moet je Soeratoel-Faatihah reciteren. Echter, je hoeft daarna geen andere verzen of hoofdstukken te reciteren. Als je echter een soennah of nafl-gebed bidt, mag je wel verzen of hoofdstukken na Soeratoel-Faatihah reciteren. Na het reciteren ga je door om de derde (of vierde) rakaah af te maken.Na het beëindigen van de laatste rakaah zit je tijdens de tasjahhoed op de manier, die hiervoor beschreven is (dus zoals na de twee eerste raka’aat). Nadat je tasjahhoed voor de laatste maal gezegd hebt zeg je 'shalaawah'. Dit is een doe'a waarin je glorie en zegeningen vraagt voor Profeet Mohammed (v.z.m.h.).
'Allaahoemma shallie ‘alaa Moehammadin wa ‘alaa aali Moehammadin kamaa shalaita ‘alaa Ibraahiema wa ‘alaa aali Ibraahiema Innaka hamiedoem-madjied.
‘Oh Allah, schenk Uw vrede aan Mohammed en de familie van Mohammed, zoals U Uw vrede hebt geschonken aan Ibraahiem en de familie van Ibraahiem. U bent waarlijk de Lofwaardige, De Glorievolle.’
Allaahoemma baarik ‘alaa Moehammadin wa ‘alaa aali Moehammadin Kamaa baarakta ‘alaa Ibraahiem wa ‘alaa aali Ibraahiem, Innaka hamiedoem-madjied.
Oh Allah, schenk Uw zegeningen aan Mohammed en aan de familie van Mohammed, zoals U Uw zegeningen hebt geschonken aan Ibraahiem en de familie van Ibraahiem. U bent waarlijk de Lofwaardige, de Glorievolle.
De doe’a's na de shalaawahEr zijn nogal wat doea's die de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) na de 'shalaawah' zei. Hij leerde ze aan zijn metgezellen. Hier noemen we er enkele van.
1. ‘Abdoellah ibn ‘Amr (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat Aboe Bakr (moge Allah tevreden met hem zijn) aan de Boodschapper van Allah vroeg: "Alstublieft, leert u mij een smeekbede die ik in mijn gebed kan zeggen.' De Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei:Zeg:
Allaahoemma innie zalamtoe nafsie zoelman katsieran Wa laa jaghfiroedz-dzoenoeba illaa anta faghfir lie maghfiratam-min ‘indika warhamnie Innaka antal-Ghafoeroer-Rahiem
O Allah, ik heb mezelf heel erg onrecht aangedaan (door mijn verplichting t.o.v. U niet na te komen) en er is niemand die de zonde kan vergeven behalve U. Vergeef mij dus want U bent de enige Vergever en heb genade met mij. Waarlijk U bent de Vergever en de Genadige (Al-Boekharie en Moeslim)
2. Sjaddaad ibn ‘Aws (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) gewend was om tijdens zijn gebed te zeggen:
Allaahoemma innie as-aloekats-tsabaata fil-amri wal-‘aziemati ‘alar-roesjdi Wa as-aloeka sjoekra ni’matika wa hoesna ‘ibaadatika. Wa as-aloeka qalban salieman, wa lisaanan shaadiqan. Wa as-aloeka min khairi maa ta’lamoe. Wa a’oedzoe bika min sjarri maa ta’lamoe. Wa astaghfiroeka limaa ta’lamoe
'Oh Allah, ik vraag U om standvastigheid in alle geloofszaken en een sterke wil om op de rechte weg te gaan. En ik vraag U om mij dankbaar te maken voor Uw rijke geschenken en geef mij het vermogen om U op de beste manier te aanbidden. En ik vraag U mijn hart oprecht te maken en mijn tong eerlijk. Ik vraag van U alles wat U weet dat goed is en ik vraag Uw bescherming tegen alles wat U weet dat slecht is. Ik vraag Uw vergeving voor al mijn fouten die U bekend zijn' (An-Nasaa’i)
3. ‘Aaisjah (moge Allah tevreden met haar zijn) vertelde dat Profeet Mohammed (v.z.m.h.) de volgende doea in zijn gebed zei:
Allaahoemma innie a’oedzoe bika min ‘adzaabil-qabri. Wa a’oedzoe bika min fitnatid-dadjdjaali. Wa a’oedzoe bika min fitnatil-mahjaa wal-mamaat. Allaahoemma innie a’oedzoe bika minal-ma' tsami wal-maghrami.
'Oh Allah, ik zoek mijn toevlucht bij U tegen de bestraffing in het graf en tegen de beproeving van de Dadjdjaal. En ik zoek mijn bescherming bij U tegen de beproeving van het leven en de dood. Oh Allah, ik zoek bescherming bij U tegen elke soort zonde en tegen onverwachte moeilijkheden.' (Al-Boekharie en Moeslim)
Rabbiedj ‘alnie moeqiemash-salaati wa min dzoerrijjatie rabbanaa wa taqabbal doe'a'i Rabbanaghfir lie wa li-waalidajja wa lil-moe'miniena jawma jaqoemoel-hisaab
'Oh Allah, laat mij en mijn kinderen altijd het gebed verrichten. Oh Allah, accepteer mijn smeekbede. Oh Allah, vergeef mij en mijn ouders en alle gelovigen op de Dag des Oordeels.'
Alhoewel veel moslims 'Rabbiedj ‘alnie…' (deze laatste doea) na de 'shalaawah' zeggen, is het toegestaan om elke mooie doe’a te zeggen. Maar men moet zich realiseren, dat deze (persoonlijke) doea niet tot de doe’a's behoorde, die de Profeet (v.z.m.h.) na de shalaawah zei. Daarom verdient het de voorkeur om zowel 'Rabbiedj’alnie…' als de betrouwbare, authentieke doe’a's van de Profeet (v.z.m.h.) en de doea's die hij aan zijn metgezellen leerde, te zeggen. We hebben er hier maar vier van de twaalf genoemd; het zou te ver gaan om ze hier allemaal te noemen.
De tasliem: de beëindiging van het gebedNadat je voor jezelf en de moslims zoveel hebt gesmeekt als je wilt, beëindig je je gebed met de tasliem (begroeting) en je zegt:
As-salaamoe ‘alaikoem wa rahmatoe-Llaah
Vrede zij met jullie en de genade van Allah
Je draait hierbij je gezicht helemaal naar rechts, terwijl je over je schouder kijkt.Dan zeg je deze zin nog een keer en draai je je hoofd helemaal naar links waarna je over je schouder kijkt.
Hiermee heb je de twee, drie of vier rakaat van het gebed beëindigd.
De doe’a'-s na de tasliem
“En verheerlijk (ook) Zijn lofprijzingen gedurende een deel van de nacht en (zo ook) na de gebeden.”(Heilige Koraan Qaaf: 40).
Er zijn veel doe'a's die Profeet Mohammed (v.z.m.h.) zei na de tasliem. Het is goed om te proberen ze uit je hoofd te leren om zo het voorbeeld van de Profeet (v.z.m.h.) te volgen. We zullen hier enkele van deze doe'a's noemen.Het was de vaste gewoonte van de Profeet (v.z.m.h.) om na het gebed te zeggen:
'Allaahoe AkbarAllah is de Grootste (Moeslim)
Astaghfiroellaah (3 maal) Ik vraag Allah om mij te vergeven (3 maal)
Allaahoemma antas-salaamoe wa minkas-salaamoe. Tabaarakta jaa dzal-djalaali wal-ikraam Oh Allah, U bent de vrede en van U komt de vrede U bent gezegend, oh Bezitter van Glorie en Eer. (Moeslim)
Allaahoemma a-‘innie ‘alaa dzikrika wa sjoekrika wa hoesni ‘ibaadatika.Oh Allah, help mij om U altijd te gedenken en om U te danken en om U op de beste manier te aanbidden. (Ahmad, Aboe Dawoed)
Laa ilaaha illa-laahoe wahdahoe laa sjarieka lah. Lahoel moelkoe wa lahoel-hamdoe wa hoewa ‘alaa koelli sjai'in qadier. Allaahoemma laa maani’a limaa a’thaita. wa laa moe’thija limaa mana’ta. wa laa janfa’oe dzal-djaddi minkal-djad.
Er is geen god dan Allah, Hij is de Ene en heeft geen gelijken, de Heerschappij en alle lof is alleen voor Hem en Hij heeft alle macht over alles. Oh Allah, niemand kan tegengaan wat U geven wilt en niemand kan geven wat U niet wenst te geven en niemand met een hoge positie kan zichzelf of een ander bevoordelen, zonder dat U het wilt. (Boekharie, Moeslim)
Het is soennah om 33 maal te zeggen
Soebhaanallaah‘Heilig is Allah’
Alhamdoelillaah (33 maal) ‘Alle lof is aan Allah’
Allaahoe Akbar (33 maal)‘Allah is de Grootste’
Er zijn heel veel doe'a's die Profeet Mohammed (v.z.m.h.) gewend was te zeggen en hij leerde ze aan zijn metgezellen. Ze zijn te vinden in de bekende hadietsboeken.
De Adzaan en Iqaamah
Het verhaal van de adzaanLang geleden toen de moslims van Mekka naar Medinah emigreerden, waren ze gewend om steeds afspraken te maken over de juiste tijd van de gezamenlijke gebeden. Soms vonden ze het moeilijk om de juiste gebedstijd te onthouden, vooral wanneer ze druk bezig waren met hun werkzaamheden.Op een dag bespraken de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) en de metgezellen hoe de gelovigen op de juiste tijd voor het gebed op te roepen. Sommige gelovigen stelden voor om zoiets als een bel te gebruiken, zoals bij de christenen, sommigen stelden voor om op een hoorn te blazen zoals bij de joden, maar ‘Oemar (Moge Allah tevreden met hem zijn) stelde voor om iemand op te laten roepen tot het gebed. Toen stelde Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) Bilaal aan om de moslims op te roepen tot het gebed. Maar uit de hadietsstudie leren we dat deze manier niet naar tevredenheid was. Toen stemde de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) ermee in om een spiraalvormige schelp te gebruiken, die leek op de bel van de christenen. Maar hij (v.z.m.h.) was niet gelukkig hiermee, omdat het hem te veel deed denken aan de christelijke manier.Nadat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) opdracht had gegeven om een bel te maken, die opgehangen zou worden om de moslims ermee op te roepen tot het gebed, zei één van zijn metgezellen, ‘Abdoellah ibn Zaid ibn ‘Abd Rabbihi op dezelfde dag:“Ik sliep en zag in mijn droom een man met een spiraalschelp in zijn handen en ik zei: ‘Dienaar van Allah, wil je deze aan mij verkopen?’ Toen hij vroeg wat ik ermee ging doen, zei ik dat we het zouden gebruiken om er de mensen mee op te roepen tot het gebed. Hij zei: ‘Zal ik jou niet naar iets beters leiden? ‘ Ik zei ‘Graag!’ Toen zei hij mij om het volgende te zeggen: ‘Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, asjhadoe al-laa ilaaha illa-Llaah, asjhadoe al-laa ilaaha illa-Llaah, asjhadoe anna Moehammadar-Rasoeloellaah, asjhadoe anna Moehammadar-Rasoeloellaah, Hajja ‘alash-shalaah, hajja ‘alash-shalaah, hajja ‘alal-falaah, hajja ‘alal-falaah, Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, laa ilaaha illa-Llaah.’Na de adzaan (deze oproep tot het gebed) was de vreemdeling een tijdje stil en zei: ‘Als de groep klaar staat, zeg je (de iqaamah): “Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, asjhadoe allaa ilaaha illa-Llaah, asjhadoe anna Moehammadar-Rasoeloellaah. Hajja ‘alash-shalaah, Hajja ‘alal-falaah. Qad qaamatish-shalaah, qad qaamatish-shalaah. Allaahoe Akbar, Allaahoe Akbar, laa ilaaha illa-Llaah.”Toen ik Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) ‘s morgens vertelde wat ik in mijn droom had gezien, zei hij: “Het is een waar visioen, in sjaa' Allah (als Allah het wil). Ga maar met Bilaal zitten en leer het hem gebruiken als oproep tot het gebed; zijn stem is luider dan die van jou.” Dus zat ik met Bilaal en leerde hem de woorden en hij gebruikte ze als oproep tot het gebed. ‘Oemar ibn al-Gaththaab was thuis en toen hij dit hoorde kwam hij het huis uit met zijn mantel nog slepend over de grond en zei: “Oh Boodschapper van Allah (v.z.m.h.), bij Hem Die u met de Waarheid heeft gezonden, ik heb eenzelfde soort droom gezien als die is geopenbaard”. Hierop antwoordde Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.): “Alhamdoelillaah! (Alle lof en eer is aan Allah!)”. (Ad-Darimi, Ahmad, Ibn Maadjah, Ibn Khoezaimah, At-Tirmidzi)En vanaf die dag, tot op de dag van vandaag, wordt de azhaan geroepen om de mensen tot het gezamenlijk gebed te verzamelen.
De moeadzdzinIemand die de mensen oproept tot het gezamenlijke gebed heet een ‘moe-adzdzin’. Voordat hij de azhaan roept, hoort hij met zijn gezicht richting de Ka’bah te gaan staan, richting Mekka (voor Nederland: richting zuidoost) Hij doet zijn armen omhoog en stopt de top van de middelvingers in zijn oren en roept dan met een luide stem. Wanneer hij ‘Hajja ‘alash-shalaah’ zegt, draait hij zijn gezicht naar rechts, wanneer hij ‘Hajja ‘alal-falaah’ zegt, draait hij zijn gezicht naar links.
De tekst van de adzaan
Allaahoe Akbar (4maal)
Allah is de Grootste
Asjhadoe al-laa ilaaha illa-Llaah (2 maal)
Ik getuig dat er geen god is dan Allah
Asjhadoe anna Moehammadar-Rasoellaah (2 maal)
Ik getuig dat Mohammed de Boodschapper van Allah is
Hajja ‘alash-shalaah (2 maal)
Haast je naar het gebed
Hajja ‘alal-falaah (2 maal)
Haast je naar de voorspoed
Allaahoe Akbar (2 maal)
Allah is de Grootste
Laa ilaaha illa-Llaah
Er is geen god dan Allah.
De adzaan voor het Fadjr-gebedIn de adzaan voor het Fadjr-gebed is er na de tweede ‘Hajja ‘alal-falaah’ een extra zin tweemaal toegevoegd:
Ash-shalaatoe khairoem-minannawm (2 maal)
Het gebed is beter dan de slaap
Als je de adzaan hoort1. Als een moslim de adzaan hoort, moet hij er in stilte naar luisteren en elke zin ervan zachtjes herhalen meteen nadat de moe-adzdzin de zin gezegd heeft.2. Wanneer de moe-adzdzin zegt ‘Hajja ‘alash-shalaah’ en ‘Hajja ‘alal-falaah’, dan zegt de toehoorder steeds ‘wa laa hawla wa laa qoewwata-illaa bi-Llaah’ (Er is geen macht en geen kracht dan die van Allah).3. Als de adzaan helemaal gezegd is, zeggen de toehoorders en de moe-adzdzin de ‘shalawaat’ voor de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) en daarna een doe’a (smeekbede).
De shalawaat (vraag om zegeningen) na de adhaan‘Allaahoemma shallie ‘alaa Moehammadin wa ‘alaa aalie Moehammadin, kamaa shalaita ‘alaa Ibraahiem wa ‘alaa aalie Ibraahiem, innaka hamiedoem-madjied. Allaahoemma baarik ‘alaa Moehammadin wa ‘alaa aalie Moehammadin, kamaa baarakta ‘alaa Ibraahiem wa ‘alaa aalie Ibraahiem, innaka hamiedoem-madjied.’‘Oh Allah, schenk Uw vrede aan Mohammed en de familie van Mohammed, zoals U Uw vrede hebt geschonken aan Ibraahiem en de familie van Ibraahiem. U bent waarlijk de Lofwaardige, De Glorievolle. Oh Allah, schenk Uw zegeningen aan Mohammed en aan de familie van Mohammed, zoals U Uw zegeningen hebt geschonken aan Ibraahiem en de familie van Ibraahiem. U bent waarlijk de Lofwaardige, de Glorievolle.
De doe’a (smeekbede) na de adzaanDjaabir (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei: “Als iemand van jullie de azhaan hoort en zegt:‘Allaahoemma Rabba haadzihid da’watit-taammah wash-shalaatil-qaa'imah, aatie Moehammadanil-wasielata wal-fadhielata wab’atshoe maqaaman mahmoedanilladzie wa’adtahoe.’‘Oh Allah, Heer van deze perfecte oproep en de gebeden die voor altijd verricht worden, schenk Mohammed (v.z.m.h.) zijn eeuwige rechten van voorspraak, aanzien en de hoogste plaats (in het paradijs) en breng hem op het eerbiedwaardige niveau dat U hem beloofd hebt’,dan is hij verzekerd van mijn voorspraak (op de Dag van het Oordeel). (Boekharie)
De iqaamah De iqaamah is de tweede oproep tot het gebed en wordt even voordat het verplichte gezamenlijke gebed begint gezegd. Na de adzaan gaan de moslims zich voorbereiden om te bidden: ze gaan naar de moskee, als ze er nog niet waren en ze nemen woedhoe. Dan wordt de iqaamah gezegd en iedereen hoort meteen klaar te gaan staan, want het gebed gaat nu meteen beginnen.
De tekst van de iqaamah
Allaahoe Akbar (2 maal)
Allah is de Grootste
Asjhadoe al-laa ilaaha illa-Llaah
Ik getuig dat er geen god is dan Allah
Asjhadoe anna Moehammadar-Rasoellaah
Ik getuig dat Mohammed de Boodschapper van Allah is
Hajja ‘alash-shalaah
Haast je naar het gebed
Hajja ‘alal-falaah
Haast je naar de voorspoed
Qad qaamatish-shalaah (2 maal)
Het gebed staat op het punt te beginnen
Allaahoe Akbar (2 maal)
Allah is de Grootste
Laa ilaaha illa-Llaah
Er is geen god dan Allah.
Deze tekst van de iqaamah is net zoals in de hadiets van ‘Abdoellah ibn Zaid ibn ‘Abd Rabbihie (Moge Allah tevreden met hem zijn), de eerste metgezel die een visioen over de adhaan kreeg.
De moeadzdzinIemand die de mensen oproept tot het gezamenlijke gebed heet een ‘moe-adzdzin’. Voordat hij de azhaan roept, hoort hij met zijn gezicht richting de Ka’bah te gaan staan, richting Mekka (voor Nederland: richting zuidoost) Hij doet zijn armen omhoog en stopt de top van de middelvingers in zijn oren en roept dan met een luide stem. Wanneer hij ‘Hajja ‘alash-shalaah’ zegt, draait hij zijn gezicht naar rechts, wanneer hij ‘Hajja ‘alal-falaah’ zegt, draait hij zijn gezicht naar links.
De tekst van de adzaan
Allaahoe Akbar (4maal)
Allah is de Grootste
Asjhadoe al-laa ilaaha illa-Llaah (2 maal)
Ik getuig dat er geen god is dan Allah
Asjhadoe anna Moehammadar-Rasoellaah (2 maal)
Ik getuig dat Mohammed de Boodschapper van Allah is
Hajja ‘alash-shalaah (2 maal)
Haast je naar het gebed
Hajja ‘alal-falaah (2 maal)
Haast je naar de voorspoed
Allaahoe Akbar (2 maal)
Allah is de Grootste
Laa ilaaha illa-Llaah
Er is geen god dan Allah.
De adzaan voor het Fadjr-gebedIn de adzaan voor het Fadjr-gebed is er na de tweede ‘Hajja ‘alal-falaah’ een extra zin tweemaal toegevoegd:
Ash-shalaatoe khairoem-minannawm (2 maal)
Het gebed is beter dan de slaap
Als je de adzaan hoort1. Als een moslim de adzaan hoort, moet hij er in stilte naar luisteren en elke zin ervan zachtjes herhalen meteen nadat de moe-adzdzin de zin gezegd heeft.2. Wanneer de moe-adzdzin zegt ‘Hajja ‘alash-shalaah’ en ‘Hajja ‘alal-falaah’, dan zegt de toehoorder steeds ‘wa laa hawla wa laa qoewwata-illaa bi-Llaah’ (Er is geen macht en geen kracht dan die van Allah).3. Als de adzaan helemaal gezegd is, zeggen de toehoorders en de moe-adzdzin de ‘shalawaat’ voor de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) en daarna een doe’a (smeekbede).
De shalawaat (vraag om zegeningen) na de adhaan‘Allaahoemma shallie ‘alaa Moehammadin wa ‘alaa aalie Moehammadin, kamaa shalaita ‘alaa Ibraahiem wa ‘alaa aalie Ibraahiem, innaka hamiedoem-madjied. Allaahoemma baarik ‘alaa Moehammadin wa ‘alaa aalie Moehammadin, kamaa baarakta ‘alaa Ibraahiem wa ‘alaa aalie Ibraahiem, innaka hamiedoem-madjied.’‘Oh Allah, schenk Uw vrede aan Mohammed en de familie van Mohammed, zoals U Uw vrede hebt geschonken aan Ibraahiem en de familie van Ibraahiem. U bent waarlijk de Lofwaardige, De Glorievolle. Oh Allah, schenk Uw zegeningen aan Mohammed en aan de familie van Mohammed, zoals U Uw zegeningen hebt geschonken aan Ibraahiem en de familie van Ibraahiem. U bent waarlijk de Lofwaardige, de Glorievolle.
De doe’a (smeekbede) na de adzaanDjaabir (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei: “Als iemand van jullie de azhaan hoort en zegt:‘Allaahoemma Rabba haadzihid da’watit-taammah wash-shalaatil-qaa'imah, aatie Moehammadanil-wasielata wal-fadhielata wab’atshoe maqaaman mahmoedanilladzie wa’adtahoe.’‘Oh Allah, Heer van deze perfecte oproep en de gebeden die voor altijd verricht worden, schenk Mohammed (v.z.m.h.) zijn eeuwige rechten van voorspraak, aanzien en de hoogste plaats (in het paradijs) en breng hem op het eerbiedwaardige niveau dat U hem beloofd hebt’,dan is hij verzekerd van mijn voorspraak (op de Dag van het Oordeel). (Boekharie)
De iqaamah De iqaamah is de tweede oproep tot het gebed en wordt even voordat het verplichte gezamenlijke gebed begint gezegd. Na de adzaan gaan de moslims zich voorbereiden om te bidden: ze gaan naar de moskee, als ze er nog niet waren en ze nemen woedhoe. Dan wordt de iqaamah gezegd en iedereen hoort meteen klaar te gaan staan, want het gebed gaat nu meteen beginnen.
De tekst van de iqaamah
Allaahoe Akbar (2 maal)
Allah is de Grootste
Asjhadoe al-laa ilaaha illa-Llaah
Ik getuig dat er geen god is dan Allah
Asjhadoe anna Moehammadar-Rasoellaah
Ik getuig dat Mohammed de Boodschapper van Allah is
Hajja ‘alash-shalaah
Haast je naar het gebed
Hajja ‘alal-falaah
Haast je naar de voorspoed
Qad qaamatish-shalaah (2 maal)
Het gebed staat op het punt te beginnen
Allaahoe Akbar (2 maal)
Allah is de Grootste
Laa ilaaha illa-Llaah
Er is geen god dan Allah.
Deze tekst van de iqaamah is net zoals in de hadiets van ‘Abdoellah ibn Zaid ibn ‘Abd Rabbihie (Moge Allah tevreden met hem zijn), de eerste metgezel die een visioen over de adhaan kreeg.
tijd, plaats kleding en soort gebed
De tijden van het gebedElk gebed moet verricht worden op of binnen de juiste tijd. Het gebed kan niet verricht worden vóór die tijd. Er zijn per dag vijf verplichte gebeden.
Het Fadjr-gebed (dageraadgebed)De tijd voor de Fadjr of het ochtendgebed begint bij de eerste ochtendschemering en eindigt net voor zonsopgang.
Het Zhoehr-gebed (middaggebed)De tijd voor Zhoehr, ofwel het vroege middaggebed, begint wanneer de zon gaat dalen na de hoogste stand te hebben bereikt. Het eindigt wanneer de schaduw van een voorwerp even groot is als het voorwerp zelf.Djaabir ibn ‘Abdoellah (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde: “De engel Djibriel kwam bij de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) en zei hem: “Sta op en bid het Zhoehr-gebed.” Dus stond Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) op en bad de Zhoehr terwijl de zon voorbij haar hoogste stand was. Toen kwam de engel Djibriel weer met de tijd van het ‘Ashr-gebed en hij zei: 'Sta op en bid het ‘Ashr-gebed.’ En de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) bad het ‘Ashr-gebed terwijl de schaduw van alle dingen even groot was als de dingen zelf. De volgende dag kwam Djibriel bij de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) en zei: ‘Sta op en bid het Zhoehr-gebed.’ Daarop bad De Profeet Mohammed (v.z.m.h.) het Zhoehr-gebed terwijl de schaduw van elk voorwerp gelijk was aan het voorwerp zelf. Toen kwam Djibriel weer op de tijd van het ‘Ashr-gebed en zei: ‘Sta op en bid het ‘Ashr-gebed.’ Toen bad de Profeet (v.z.m.h.) het ‘Ashr-gebed en de schaduw van elk voorwerp was twee maal zo lang als het voorwerp zelf. Toen zei Djibriel nadat hij tienmaal met De Profeet Mohammed v.z.m.h. gebeden had (Waarin ook de uiterste tijden van de andere gebeden gegeven waren) ‘De tijd voor het gebed ligt tussen deze twee tijden.’Ahmad, An-Nasaa’i, At-Tirmidzi en Boekharie merken op, dat dit de meest authentieke hadiets is waarin de tijden voor de gebeden worden gegeven.In veel boeken over het gebed lezen we dat het Zhoehr-gebed eindigt en het ‘Ashr-gebed begint wanneer de schaduw van een voorwerp tweemaal zo lang is als het voorwerp zelf. Deze tijd wordt met name aangegeven in de boeken die zijn geschreven door de volgelingen van de Hanafi-school.Dit is echter in tegenspraak met de genoemde hadiets waarin Djibriel op de eerste dag de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) gebiedt om het ‘Ashr-gebed te bidden op het moment dat het voorwerp en zijn de schaduw dezelfde lengte hadden. Dit moment is dus ook de eindtijd voor het Zhoehr-gebed. We stelden al, dat alle geleerden van de moslimgemeenschap het er eenduidig over eens zijn, dat een gebed nooit vóór haar tijd verricht kan worden.
Van Imaam Aboe Haniefah wordt gezegd, dat hij voor zijn dood van mening was veranderd en dat hij het ‘Ashr-gebed bad volgens de tijd genoemd in de bovenstaande hadiets. Zijn twee leerlingen Imaam Aboe Joesoef en Imaam Mohammed gaven ook fatwah’s (jurisprudenties van de islamitische wet) over de tijd voor het ‘Ashr-gebed, zoals die genoemd is in deze hadiets. (Fatawaa ‘Aziezah, Foetawaa Rasjiedah)
Het ‘Ashr-gebed (namiddaggebed)De tijd voor de 'Ashr, het namiddaggebed, begint wanneer een voorwerp en zijn schaduw dezelfde lengte hebben. Het eindigt net voor zonsondergang.Het is aan te bevelen om het ‘Ashr-gebed te verrichten vóórdat de zon geel wordt, want, al is het toegestaan om op dit moment het ‘Ashr-gebed te bidden, de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) hield er niet van wanneer de moslims het ‘Ashr-gebed tot deze tijd uitstelden. Hij vertelde dat de moenaafiqs (de schijnheiligen en hypocrieten) op deze tijd bidden.
Het Maghrib-gebed (zonsondergangsgebed)De tijd voor het Maghrib, het zonsondergangsgebed, begint net na zonsondergang en eindigt wanneer de schemering verdwenen is.
Het 'Isjaa'-gebed (nachtgebed)De tijd voor de 'Isjaa', het nachtgebed, begint vanaf de verdwijning van de schemering en eindigt net voor de ochtendschemering.Het wordt aangeraden om dit gebed vóór middernacht te bidden, maar het kan de hele nacht gebeden worden tot aan de komst van de dageraad.NB. In landen waar door de bewolking de zon niet steeds zichtbaar is, is het raadzaam om een voorgedrukte gebedskalender te volgen; deze geven de juiste tijden voor elk gebed weer.
Tijden waarop het verboden is om gebeden te verrichten‘Oeqbah ibn Amir zei: “Er waren drie tijden waarop Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) ons verbood om te bidden of om onze doden te begraven”:1. Wanneer de zon begon te rijzen, tot ze helemaal op was,2. Wanneer de zon op haar hoogste punt stond, midden op de dag, tot ze de meridiaan passeerde, 3. Wanneer de zon op het punt stond onder te gaan, tot ze verdwenen was.” (Moeslim)
Tijden waarop het verboden is om extra (nafl) gebeden te verrichten1. Aboe Sa’ied al Goedri (moge Alah tevreden met hem zijn) vertelde dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei: “Geen enkel gebed mag verricht worden na het Fadjr-gebed, tot de zon opkomt of na het ‘Ashr-gebed, tot de zon ondergaat.” (Boekharie en Moeslim)Op deze tijd is alleen het nafl-gebed verboden, maar een verplicht gebed dat nog ingehaald moet worden is niet verboden. De meeste geleerden van de moslimgemeenschap hebben het toegestaan om na het Fadjr en 'Ashr een gemist gebed nog in te halen. Zij beroepen zich op de volgende hadiets: de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) zei: “Wie een gebed vergeten is, bidt het zodra hij het zich herinnert.” (Boekharie en Moeslim)2. Een nafl-gebed (extra gebed) kan niet meer gebeden worden zodra de iqaamah (korte oproep tot het verplichte deel van het gebed, zie Hoofdstuk 3) is gezegd. Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei: “Als de iqaamah is gezegd, dan is er geen enkel gebed geldig (extra of soennah) behalve het verplichte gebed waarvoor de iqaamah werd gezegd.In de praktijk gebeurt het vaak dat er moslims zijn die doorgaan met het soennah-gebed, nadat de iqaamah is gezegd. Dit gebeurt met name bij het Fadjr-gebed, het dageraadsgebed. Zij hebben het gevoel dat de twee raka’aat soennah (zie punt E) van de Fadjr enkel en alleen vóór het verplichte gebed verricht mogen worden. Hun manier is in strijd met het idee van de saamhorigheid, de gezamenlijke gebedsdiscipline en het is een regelrechte aanval op de hadiets. Zij horen de twee raka’aat soennah in het Fadjr-gebed dan meteen ná het verplichte gebed of ná zonsopgang te bidden. Beide manieren zijn authentiek en goedgekeurd door de Profeet Mohammed (v.z.m.h.).Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei, wie de twee raka’aat soennah van het Fadjr-gebed bij zonsopgang nog niet heeft gebeden, moet deze meteen na zonsopgang inhalen. (Al-Baihaqie)Als iemand de twee raka’aat soennah vóór het Fadjr-gebed mist omdat de djamaa’ah (groep) het fardh-gebed al is begonnen, dan hoort hij zich bij de groep te voegen en de twee raka’aat soennah meteen ná het verplichte Fadjr gebed te verrichten.Qais ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat hij (naar de moskee) ging voor het Fadjr-gebed en dat hij daar de Profeet (v.z.m.h.) aantrof terwijl hij het fardh van het Fadjr-gebed bad. Hij (Qais ibn ‘Oemar) bad de twee raka’aat soennah van het Fadjr-gebed niet, maar deed mee aan het fardh-gebed met de Profeet (v.z.m.h.). Nadat hij het Fadjr-gebed voltooid had, stond hij op en verrichtte de twee raka’at soennah van de Fadjr (die hij gemist had).Toen kwam de Profeet (v.z.m.h.) naar hem toe en zei: “Wat voor een gebed was dit?” Qais ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde hem alles. Daarop zweeg de Profeet (v.z.m.h.), hij zei er niets van. (Ahmad, Ibn Goesjaimah, Ibn Hibban, Aboe Dawoed, Ibn Maadjah en At-Tirmidzi)Alle moslimgeleerden, fiqhgeleerden en hadietsgeleerden zijn het er over eens, dat telkens wanneer de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) ‘zweeg’ over een zaak of daad die in zijn aanwezigheid plaatsvond, hij (v.z.m.h.) ermee instemde.
De plaats van het gebedEen plaats of gebouw welke als gebedsruimte dient, wordt masdjid (moskee) genoemd.Een hadiets overgeleverd door Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelt ons dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei: “... de hele aarde is voor de moslims tot moskee gemaakt (zuiver en schoon) en ik ben als profeet gestuurd voor de hele wereld en de keten van het profeetschap wordt door mij voltooid. (Dit betekent dat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) de laatste profeet is.)” (Moeslim)Dit houdt in, dat een moslim kan bidden waar hij ook is; maar de beloning voor het bidden in een moskee is veel groter dan voor het bidden op welke andere plaats dan ook.Op de volgende punten moet je letten wanneer je de gebedsplek kiest.1. De plaats moet schoon en zuiver zijn. Het gebed verrichten in een vieze, vervuilde en onreine plaats zoals een rommelhok, een slachthuis, een badplaats of een omheining waar kamelen in staan is verboden. (At-Tirmidzi, Ibn Maadjah, ‘Abd ibn Hoemaid)2. De plaats mag geen gevaar opleveren, dat wil zeggen het gebed mag naar verwachting niet door iets of iemand gestoord worden.3. Je hoort die plaatsen te vermijden waar je, als je daar bidt, andere mensen belemmert in hun bewegingsvrijheid, zoals bijvoorbeeld op een trottoir of openbare weg.4. Het is verboden om te bidden op het dak van Baitoellaah (het huis van Allaah: de Ka’bah in Mekka). (Ibn Maadjah en ‘Abd ibn Hoemaid)5. Je mag niet bovenop of met je gezicht naar een graf bidden.6. (Ahmad en Moeslim)
De kleding voor het gebedVoor mannen1. De kleding van de man moet het lichaam tijdens het gebed minstens bedekken van de navel tot de knieën;2. De schouders mogen niet bloot zijn en3. Het gebed kan verricht worden in één kledingstuk dat zowel het lichaam van de navel tot de knieën bedekt als de schouders.“Niemand van jullie mag bidden in een enkel kledingstuk dat de schouders niet bedekt.” (Boekharie en Moeslim)
Voor vrouwenDe gebedskleding van de vrouw hoort het hele lichaam te bedekken, van haar hoofd tot en met de voeten, waarbij alleen haar gezicht en handen onbedekt mogen zijn. Een gebed dat in doorschijnende kleding verricht wordt is niet geldig. Ook strakke kleding die de lichaamsvorm laat zien, moet vermeden worden.
Verschillende soorten gebedenHet ‘fardh’ of verplichte gebedHet fardh-gebed is het verplichte gebed. Allah (de Allerhoogste) beveelt elke gelovige om per dag vijf verplichte gebeden te verrichten. Het overslaan van één van deze vijf gebeden is een ernstige fout en is strafbaar.De vrijwillige gebeden (nafl-gebed) zijn er in drie soorten:1. Het soennah moe’akkadah (dringend aanbevolen) -gebed.Dit zijn de gebeden die door de Profeet benadrukt werden en door hem regelmatig verricht werden vóór of ná de fardh -gebeden. Soennah betekent letterlijk: naar het voorbeeld van de Profeet Mohammed (v.z.m.h.)2. Het soennah ghair moe’akkadah (niet dringend, vrij) -gebed.Deze werden alleen bij gelegenheid door de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) verricht (bijvoorbeeld het istikhaarah-gebed, het gebed om te vragen om leiding in een zaak).
Het nafl (extra) -gebedDit is een extra gebed. Als je het bidt, krijg je een beloning en als je het niet bidt, wordt het niet aangerekend als fout. Het kan ten allen tijde als apart gebed worden gebeden, afhankelijk van iemands tijd en de mogelijkheden.
De Profeet Mohammed (v.z.m.h.) moedigde zijn metgezellen altijd aan om nafl-gebeden te verrichten. Door het verrichten van de nafl-gebeden worden kleine of andere fouten in de verplichte gebeden weggenomen.Het aantal raka’aat in de vijf verplichte gebedenHet gebed bestaat uit één of meer raka’aat: een geordende serie van lichaamsbewegingen, waarbij hardop of in zichzelf gesproken wordt. Elk fardh-gebed bestaat uit meerdere raka’aat, zodat enkele malen de gehele geordende serie van lichaamsbewegingen en de tekst herhaald worden
Het Fadjr-gebedHet bestaat uit twee raka’aat soennah moe'akkadah en twee raka’aat fardh.
Het Zhoehr-gebedHet bestaat uit twee of vier raka’aat soennah moe'akkadah, vier raka’aat fardh, twee raka’aat soennah moe'akkadah en een bepaald aantal nafl-raka’aat, naar gelang de tijd en de mogelijkheden.Ibn ‘Oemar (moge Alah tevreden zijn met hem) zei: “Ik bad alleen met Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) twee raka’aat voor en twee raka’aat na het Zhoehr-gebed.” (Boekharie en Moeslim)Het is een bekende gewoonte om vier raka’aat vóór het Zhoehr-gebed te bidden, maar deze hadiets maakt duidelijk dat het ook is toegestaan om twee soennah raka’aat te bidden vóór het Zhoehr-gebed.
Het ‘Ashr-gebedHet bestaat uit twee of vier soennah raka’aat ghair moe'akkadah en vier raka’aat fardh.‘Ali (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: “De Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) was gewend om vier raka’aat te bidden vóór het ‘Ashr-gebed en hij scheidde die van elkaar met een begroeting...” (At-Tirmidzi)Een andere hadiets overgeleverd door ‘Ali (moge Alah tevreden zijn met hem) zegt: “Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) was gewend om twee raka’aat te bidden vóór het ‘Ashr-gebed.” (Aboe Dawoed)
Het Maghrib-gebedHet bestaat uit twee raka’aat nafl, drie raka’aat fardh en twee raka’aat soennah moe'akkadah en een onbepaald aantal nafl-raka’aat, naar gelang iemands tijd en de mogelijkheden.‘Abdoellah ibn Moeghaffal vertelde dat de Profeet (v.z.m.h.) zei: “Bid vóór het Maghrib-gebed,” en terwijl hij dit voor de derde keer zei, voegde hij er aan toe “Dit is bedoeld voor degenen die dat willen.” (Boekharie en Moeslim)Dit was omdat hij niet wilde dat de moslims die nafl-raka’aat als sterk aanbevolen zouden gaan zien.Twee raka’aat nafl na de zonsondergang en vóór het Maghrib-gebed zijn toegestaan voor hen die dat willen bidden. Daarvoor is de bovenstaande hadiets een overtuigend bewijs. Maar toch zijn er moslims die dit verbieden en er zijn anderen die het heel vreemd vinden als ze iemand twee nafl-raka’aat zien bidden vóór Maghrib.
Het 'Isjaa'-gebedHet begint met een onbepaald aantal nafl-raka’aat, afhankelijk van iemands tijd en de mogelijkheden. Daarna komen vier raka’aat fardh, twee raka’aat soennah moe'akkadah, een onbepaald aantal nafl-raka’aat, weer afhankelijk van de tijd en mogelijkheden en dan drie raka’aat witr, (zie uitleg in hoofdstuk 6).Sommige moslims staan erop om vier extra raka’aat soennah vóór het 'Isjaa'-gebed te bidden. Echter, wij hebben in onze studies geen enkel bewijs gevonden, of enig gebruik of gebod van de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) of van zijn metgezellen om deze gewoonte als soennah aan te nemen. Het is zeker wel toegestaan om nafl-raka’aat te bidden terwijl je wacht om het gezamenlijk fardh 'Isjaa'-gebed te verrichten.‘Abdoellah ibn Moeghaffal (moge Alah tevreden zijn met hem) vertelde dat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) inderdaad heeft gezegd dat er tussen elke twee adzaans (oproepen tot het gebed) nafl-gebeden zijn en bij de derde keer voegde hij er aan toe: “voor degenen die het willen bidden.” (Ahmad, At-Tirmidzi, An-Nasaa’i)‘Abdoellah ibn Zoebair (moge Alah tevreden zijn met hem) vertelde ook dat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) zei dat er geen verplicht gebed is, tenzij er twee nafl-raka’aat aan voorafgaan. (Ibn Hibban)NB: Deze ahadiets zijn er een bewijs voor dat twee raka’aat van vrije soennah of nafl-gebeden verricht kunnen worden vóór elk fardh-gebed, afhankelijk van iemands tijd en capaciteit. Dit geldt ook voor het Maghrib- en 'Isjaa'-gebed en voor de tijd tussen de adzaan en de iqaamah.Sommige moslims bidden twee nafl-raka’aat na het witr-gebed. Maar er is een oorspronkelijke hadiets waarin staat dat het witr-gebed gebeden wordt nadat al de nafl-gebeden die een persoon wenst te bidden, verricht zijn. Ibn ‘Oemar (moge Alah tevreden zijn met hem) overleverde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “Zorg dat het Witr, het laatste gebed van je nachtgebeden is.” (Misjkaat)
Het Fadjr-gebed (dageraadgebed)De tijd voor de Fadjr of het ochtendgebed begint bij de eerste ochtendschemering en eindigt net voor zonsopgang.
Het Zhoehr-gebed (middaggebed)De tijd voor Zhoehr, ofwel het vroege middaggebed, begint wanneer de zon gaat dalen na de hoogste stand te hebben bereikt. Het eindigt wanneer de schaduw van een voorwerp even groot is als het voorwerp zelf.Djaabir ibn ‘Abdoellah (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde: “De engel Djibriel kwam bij de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) en zei hem: “Sta op en bid het Zhoehr-gebed.” Dus stond Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) op en bad de Zhoehr terwijl de zon voorbij haar hoogste stand was. Toen kwam de engel Djibriel weer met de tijd van het ‘Ashr-gebed en hij zei: 'Sta op en bid het ‘Ashr-gebed.’ En de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) bad het ‘Ashr-gebed terwijl de schaduw van alle dingen even groot was als de dingen zelf. De volgende dag kwam Djibriel bij de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) en zei: ‘Sta op en bid het Zhoehr-gebed.’ Daarop bad De Profeet Mohammed (v.z.m.h.) het Zhoehr-gebed terwijl de schaduw van elk voorwerp gelijk was aan het voorwerp zelf. Toen kwam Djibriel weer op de tijd van het ‘Ashr-gebed en zei: ‘Sta op en bid het ‘Ashr-gebed.’ Toen bad de Profeet (v.z.m.h.) het ‘Ashr-gebed en de schaduw van elk voorwerp was twee maal zo lang als het voorwerp zelf. Toen zei Djibriel nadat hij tienmaal met De Profeet Mohammed v.z.m.h. gebeden had (Waarin ook de uiterste tijden van de andere gebeden gegeven waren) ‘De tijd voor het gebed ligt tussen deze twee tijden.’Ahmad, An-Nasaa’i, At-Tirmidzi en Boekharie merken op, dat dit de meest authentieke hadiets is waarin de tijden voor de gebeden worden gegeven.In veel boeken over het gebed lezen we dat het Zhoehr-gebed eindigt en het ‘Ashr-gebed begint wanneer de schaduw van een voorwerp tweemaal zo lang is als het voorwerp zelf. Deze tijd wordt met name aangegeven in de boeken die zijn geschreven door de volgelingen van de Hanafi-school.Dit is echter in tegenspraak met de genoemde hadiets waarin Djibriel op de eerste dag de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) gebiedt om het ‘Ashr-gebed te bidden op het moment dat het voorwerp en zijn de schaduw dezelfde lengte hadden. Dit moment is dus ook de eindtijd voor het Zhoehr-gebed. We stelden al, dat alle geleerden van de moslimgemeenschap het er eenduidig over eens zijn, dat een gebed nooit vóór haar tijd verricht kan worden.
Van Imaam Aboe Haniefah wordt gezegd, dat hij voor zijn dood van mening was veranderd en dat hij het ‘Ashr-gebed bad volgens de tijd genoemd in de bovenstaande hadiets. Zijn twee leerlingen Imaam Aboe Joesoef en Imaam Mohammed gaven ook fatwah’s (jurisprudenties van de islamitische wet) over de tijd voor het ‘Ashr-gebed, zoals die genoemd is in deze hadiets. (Fatawaa ‘Aziezah, Foetawaa Rasjiedah)
Het ‘Ashr-gebed (namiddaggebed)De tijd voor de 'Ashr, het namiddaggebed, begint wanneer een voorwerp en zijn schaduw dezelfde lengte hebben. Het eindigt net voor zonsondergang.Het is aan te bevelen om het ‘Ashr-gebed te verrichten vóórdat de zon geel wordt, want, al is het toegestaan om op dit moment het ‘Ashr-gebed te bidden, de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) hield er niet van wanneer de moslims het ‘Ashr-gebed tot deze tijd uitstelden. Hij vertelde dat de moenaafiqs (de schijnheiligen en hypocrieten) op deze tijd bidden.
Het Maghrib-gebed (zonsondergangsgebed)De tijd voor het Maghrib, het zonsondergangsgebed, begint net na zonsondergang en eindigt wanneer de schemering verdwenen is.
Het 'Isjaa'-gebed (nachtgebed)De tijd voor de 'Isjaa', het nachtgebed, begint vanaf de verdwijning van de schemering en eindigt net voor de ochtendschemering.Het wordt aangeraden om dit gebed vóór middernacht te bidden, maar het kan de hele nacht gebeden worden tot aan de komst van de dageraad.NB. In landen waar door de bewolking de zon niet steeds zichtbaar is, is het raadzaam om een voorgedrukte gebedskalender te volgen; deze geven de juiste tijden voor elk gebed weer.
Tijden waarop het verboden is om gebeden te verrichten‘Oeqbah ibn Amir zei: “Er waren drie tijden waarop Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) ons verbood om te bidden of om onze doden te begraven”:1. Wanneer de zon begon te rijzen, tot ze helemaal op was,2. Wanneer de zon op haar hoogste punt stond, midden op de dag, tot ze de meridiaan passeerde, 3. Wanneer de zon op het punt stond onder te gaan, tot ze verdwenen was.” (Moeslim)
Tijden waarop het verboden is om extra (nafl) gebeden te verrichten1. Aboe Sa’ied al Goedri (moge Alah tevreden met hem zijn) vertelde dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei: “Geen enkel gebed mag verricht worden na het Fadjr-gebed, tot de zon opkomt of na het ‘Ashr-gebed, tot de zon ondergaat.” (Boekharie en Moeslim)Op deze tijd is alleen het nafl-gebed verboden, maar een verplicht gebed dat nog ingehaald moet worden is niet verboden. De meeste geleerden van de moslimgemeenschap hebben het toegestaan om na het Fadjr en 'Ashr een gemist gebed nog in te halen. Zij beroepen zich op de volgende hadiets: de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) zei: “Wie een gebed vergeten is, bidt het zodra hij het zich herinnert.” (Boekharie en Moeslim)2. Een nafl-gebed (extra gebed) kan niet meer gebeden worden zodra de iqaamah (korte oproep tot het verplichte deel van het gebed, zie Hoofdstuk 3) is gezegd. Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei: “Als de iqaamah is gezegd, dan is er geen enkel gebed geldig (extra of soennah) behalve het verplichte gebed waarvoor de iqaamah werd gezegd.In de praktijk gebeurt het vaak dat er moslims zijn die doorgaan met het soennah-gebed, nadat de iqaamah is gezegd. Dit gebeurt met name bij het Fadjr-gebed, het dageraadsgebed. Zij hebben het gevoel dat de twee raka’aat soennah (zie punt E) van de Fadjr enkel en alleen vóór het verplichte gebed verricht mogen worden. Hun manier is in strijd met het idee van de saamhorigheid, de gezamenlijke gebedsdiscipline en het is een regelrechte aanval op de hadiets. Zij horen de twee raka’aat soennah in het Fadjr-gebed dan meteen ná het verplichte gebed of ná zonsopgang te bidden. Beide manieren zijn authentiek en goedgekeurd door de Profeet Mohammed (v.z.m.h.).Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei, wie de twee raka’aat soennah van het Fadjr-gebed bij zonsopgang nog niet heeft gebeden, moet deze meteen na zonsopgang inhalen. (Al-Baihaqie)Als iemand de twee raka’aat soennah vóór het Fadjr-gebed mist omdat de djamaa’ah (groep) het fardh-gebed al is begonnen, dan hoort hij zich bij de groep te voegen en de twee raka’aat soennah meteen ná het verplichte Fadjr gebed te verrichten.Qais ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelde dat hij (naar de moskee) ging voor het Fadjr-gebed en dat hij daar de Profeet (v.z.m.h.) aantrof terwijl hij het fardh van het Fadjr-gebed bad. Hij (Qais ibn ‘Oemar) bad de twee raka’aat soennah van het Fadjr-gebed niet, maar deed mee aan het fardh-gebed met de Profeet (v.z.m.h.). Nadat hij het Fadjr-gebed voltooid had, stond hij op en verrichtte de twee raka’at soennah van de Fadjr (die hij gemist had).Toen kwam de Profeet (v.z.m.h.) naar hem toe en zei: “Wat voor een gebed was dit?” Qais ibn ‘Oemar (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde hem alles. Daarop zweeg de Profeet (v.z.m.h.), hij zei er niets van. (Ahmad, Ibn Goesjaimah, Ibn Hibban, Aboe Dawoed, Ibn Maadjah en At-Tirmidzi)Alle moslimgeleerden, fiqhgeleerden en hadietsgeleerden zijn het er over eens, dat telkens wanneer de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) ‘zweeg’ over een zaak of daad die in zijn aanwezigheid plaatsvond, hij (v.z.m.h.) ermee instemde.
De plaats van het gebedEen plaats of gebouw welke als gebedsruimte dient, wordt masdjid (moskee) genoemd.Een hadiets overgeleverd door Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) vertelt ons dat Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) zei: “... de hele aarde is voor de moslims tot moskee gemaakt (zuiver en schoon) en ik ben als profeet gestuurd voor de hele wereld en de keten van het profeetschap wordt door mij voltooid. (Dit betekent dat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) de laatste profeet is.)” (Moeslim)Dit houdt in, dat een moslim kan bidden waar hij ook is; maar de beloning voor het bidden in een moskee is veel groter dan voor het bidden op welke andere plaats dan ook.Op de volgende punten moet je letten wanneer je de gebedsplek kiest.1. De plaats moet schoon en zuiver zijn. Het gebed verrichten in een vieze, vervuilde en onreine plaats zoals een rommelhok, een slachthuis, een badplaats of een omheining waar kamelen in staan is verboden. (At-Tirmidzi, Ibn Maadjah, ‘Abd ibn Hoemaid)2. De plaats mag geen gevaar opleveren, dat wil zeggen het gebed mag naar verwachting niet door iets of iemand gestoord worden.3. Je hoort die plaatsen te vermijden waar je, als je daar bidt, andere mensen belemmert in hun bewegingsvrijheid, zoals bijvoorbeeld op een trottoir of openbare weg.4. Het is verboden om te bidden op het dak van Baitoellaah (het huis van Allaah: de Ka’bah in Mekka). (Ibn Maadjah en ‘Abd ibn Hoemaid)5. Je mag niet bovenop of met je gezicht naar een graf bidden.6. (Ahmad en Moeslim)
De kleding voor het gebedVoor mannen1. De kleding van de man moet het lichaam tijdens het gebed minstens bedekken van de navel tot de knieën;2. De schouders mogen niet bloot zijn en3. Het gebed kan verricht worden in één kledingstuk dat zowel het lichaam van de navel tot de knieën bedekt als de schouders.“Niemand van jullie mag bidden in een enkel kledingstuk dat de schouders niet bedekt.” (Boekharie en Moeslim)
Voor vrouwenDe gebedskleding van de vrouw hoort het hele lichaam te bedekken, van haar hoofd tot en met de voeten, waarbij alleen haar gezicht en handen onbedekt mogen zijn. Een gebed dat in doorschijnende kleding verricht wordt is niet geldig. Ook strakke kleding die de lichaamsvorm laat zien, moet vermeden worden.
Verschillende soorten gebedenHet ‘fardh’ of verplichte gebedHet fardh-gebed is het verplichte gebed. Allah (de Allerhoogste) beveelt elke gelovige om per dag vijf verplichte gebeden te verrichten. Het overslaan van één van deze vijf gebeden is een ernstige fout en is strafbaar.De vrijwillige gebeden (nafl-gebed) zijn er in drie soorten:1. Het soennah moe’akkadah (dringend aanbevolen) -gebed.Dit zijn de gebeden die door de Profeet benadrukt werden en door hem regelmatig verricht werden vóór of ná de fardh -gebeden. Soennah betekent letterlijk: naar het voorbeeld van de Profeet Mohammed (v.z.m.h.)2. Het soennah ghair moe’akkadah (niet dringend, vrij) -gebed.Deze werden alleen bij gelegenheid door de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) verricht (bijvoorbeeld het istikhaarah-gebed, het gebed om te vragen om leiding in een zaak).
Het nafl (extra) -gebedDit is een extra gebed. Als je het bidt, krijg je een beloning en als je het niet bidt, wordt het niet aangerekend als fout. Het kan ten allen tijde als apart gebed worden gebeden, afhankelijk van iemands tijd en de mogelijkheden.
De Profeet Mohammed (v.z.m.h.) moedigde zijn metgezellen altijd aan om nafl-gebeden te verrichten. Door het verrichten van de nafl-gebeden worden kleine of andere fouten in de verplichte gebeden weggenomen.Het aantal raka’aat in de vijf verplichte gebedenHet gebed bestaat uit één of meer raka’aat: een geordende serie van lichaamsbewegingen, waarbij hardop of in zichzelf gesproken wordt. Elk fardh-gebed bestaat uit meerdere raka’aat, zodat enkele malen de gehele geordende serie van lichaamsbewegingen en de tekst herhaald worden
Het Fadjr-gebedHet bestaat uit twee raka’aat soennah moe'akkadah en twee raka’aat fardh.
Het Zhoehr-gebedHet bestaat uit twee of vier raka’aat soennah moe'akkadah, vier raka’aat fardh, twee raka’aat soennah moe'akkadah en een bepaald aantal nafl-raka’aat, naar gelang de tijd en de mogelijkheden.Ibn ‘Oemar (moge Alah tevreden zijn met hem) zei: “Ik bad alleen met Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) twee raka’aat voor en twee raka’aat na het Zhoehr-gebed.” (Boekharie en Moeslim)Het is een bekende gewoonte om vier raka’aat vóór het Zhoehr-gebed te bidden, maar deze hadiets maakt duidelijk dat het ook is toegestaan om twee soennah raka’aat te bidden vóór het Zhoehr-gebed.
Het ‘Ashr-gebedHet bestaat uit twee of vier soennah raka’aat ghair moe'akkadah en vier raka’aat fardh.‘Ali (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: “De Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) was gewend om vier raka’aat te bidden vóór het ‘Ashr-gebed en hij scheidde die van elkaar met een begroeting...” (At-Tirmidzi)Een andere hadiets overgeleverd door ‘Ali (moge Alah tevreden zijn met hem) zegt: “Allah’s Boodschapper (v.z.m.h.) was gewend om twee raka’aat te bidden vóór het ‘Ashr-gebed.” (Aboe Dawoed)
Het Maghrib-gebedHet bestaat uit twee raka’aat nafl, drie raka’aat fardh en twee raka’aat soennah moe'akkadah en een onbepaald aantal nafl-raka’aat, naar gelang iemands tijd en de mogelijkheden.‘Abdoellah ibn Moeghaffal vertelde dat de Profeet (v.z.m.h.) zei: “Bid vóór het Maghrib-gebed,” en terwijl hij dit voor de derde keer zei, voegde hij er aan toe “Dit is bedoeld voor degenen die dat willen.” (Boekharie en Moeslim)Dit was omdat hij niet wilde dat de moslims die nafl-raka’aat als sterk aanbevolen zouden gaan zien.Twee raka’aat nafl na de zonsondergang en vóór het Maghrib-gebed zijn toegestaan voor hen die dat willen bidden. Daarvoor is de bovenstaande hadiets een overtuigend bewijs. Maar toch zijn er moslims die dit verbieden en er zijn anderen die het heel vreemd vinden als ze iemand twee nafl-raka’aat zien bidden vóór Maghrib.
Het 'Isjaa'-gebedHet begint met een onbepaald aantal nafl-raka’aat, afhankelijk van iemands tijd en de mogelijkheden. Daarna komen vier raka’aat fardh, twee raka’aat soennah moe'akkadah, een onbepaald aantal nafl-raka’aat, weer afhankelijk van de tijd en mogelijkheden en dan drie raka’aat witr, (zie uitleg in hoofdstuk 6).Sommige moslims staan erop om vier extra raka’aat soennah vóór het 'Isjaa'-gebed te bidden. Echter, wij hebben in onze studies geen enkel bewijs gevonden, of enig gebruik of gebod van de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) of van zijn metgezellen om deze gewoonte als soennah aan te nemen. Het is zeker wel toegestaan om nafl-raka’aat te bidden terwijl je wacht om het gezamenlijk fardh 'Isjaa'-gebed te verrichten.‘Abdoellah ibn Moeghaffal (moge Alah tevreden zijn met hem) vertelde dat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) inderdaad heeft gezegd dat er tussen elke twee adzaans (oproepen tot het gebed) nafl-gebeden zijn en bij de derde keer voegde hij er aan toe: “voor degenen die het willen bidden.” (Ahmad, At-Tirmidzi, An-Nasaa’i)‘Abdoellah ibn Zoebair (moge Alah tevreden zijn met hem) vertelde ook dat de Profeet Mohammed (v.z.m.h.) zei dat er geen verplicht gebed is, tenzij er twee nafl-raka’aat aan voorafgaan. (Ibn Hibban)NB: Deze ahadiets zijn er een bewijs voor dat twee raka’aat van vrije soennah of nafl-gebeden verricht kunnen worden vóór elk fardh-gebed, afhankelijk van iemands tijd en capaciteit. Dit geldt ook voor het Maghrib- en 'Isjaa'-gebed en voor de tijd tussen de adzaan en de iqaamah.Sommige moslims bidden twee nafl-raka’aat na het witr-gebed. Maar er is een oorspronkelijke hadiets waarin staat dat het witr-gebed gebeden wordt nadat al de nafl-gebeden die een persoon wenst te bidden, verricht zijn. Ibn ‘Oemar (moge Alah tevreden zijn met hem) overleverde dat de Boodschapper van Allah (v.z.m.h.) zei: “Zorg dat het Witr, het laatste gebed van je nachtgebeden is.” (Misjkaat)
Abonneren op:
Posts (Atom)